Cabaretier Jochem Myjer maakt volkslied voor Leiden

LEIDEN - De Leidse cabaretier Jochem Myjer heeft een volkslied voor zijn stad geschreven. De Leidenaar presenteerde zijn lied zaterdagavond tijdens het literaire evenement De Leidse Olympus bij de Burcht.

Corpsballen, glibbers, de rollende R, peurbakken en 3 oktober: ze zitten allemaal in het Leidse volkslied van Myjer.

Volgens het Leidsch Dagblad wil Myjer het serieus aanpakken. Hij gaat met de begeleidingsband van Marco Borsato de studio in om het nummer op te nemen. Daarna wil hij ook nog een videoclip opnemen in de Leidse binnenstad.

Songtekst

Daar waar een meeuw een Katwijkse duif is,
en Rembrandt ooit zijn kwast heeft ontdekt.

Corpsballen, glibbers, de rollende R, peurbakken en 3 oktober: ze zitten allemaal in het Leidse volkslied van Myjer.

Volgens het Leidsch Dagblad wil Myjer het serieus aanpakken. Hij gaat met de begeleidingsband van Marco Borsato de studio in om het nummer op te nemen. Daarna wil hij ook nog een videoclip opnemen in de Leidse binnenstad.

Songtekst

Daar waar een meeuw een Katwijkse duif is,
en Rembrandt ooit zijn kwast heeft ontdekt.

Daar waar iedereen de ‘rambam’ kan krijgen,
en het woord rabarber zo lekker bekt.

Daar waar 't altijd regent op 2 oktober,
en iedereen feest viert op de markt in de gracht.

Daar waar corpsbal en glibbers versmelten,
en samen op de reveille wacht.
Ja dat is mijn stadje, dat is mijn Leiden, stad waar m'n wieg aan de Rijn heeft gestaan.
La la la Leiden, la la la Leiden
Stad waar ik nooit meer weg wil gaan.
La la la Leiden, la la la Leiden, la la la Leiden, tra la la
La la la Leiden, la la la Leiden, Stad waar ik nooit meer weg wil gaan.

Daar waar Sinterklaas een rollende R heeft,
en Armin van Buuren in een Nexus begon.

Daar waar de peurbakken door de gracht varen,
en Rubberen Robbie zijn liedjes verzon.

Daar waar luidruchtige gasten op een brommert meteen naar z'n bledder krijgt:
‘HOUD JE KOKER, JUH DARM’.

Daar waar iedereen haring en brood krijgt,
maakt niet uit of je rijk bent of arm.

Ja dat is mijn stadje, dat is mijn Leiden, stad waar m'n wieg aan de Rijn heeft gestaan.
La la la Leiden, la la la Leiden,
stad waar ik nooit meer weg wil gaan.
La la la Leiden, la la la Leiden, la la la Leiden, tra la la
La la la Leiden, la la la Leiden, Stad waar ik nooit meer weg wil gaan.

Daar waar iedereen, oh god, blut is op 4 oktober,
en men totaal naar de getver is.

Daar waar de markt, de markt, de markt, naar verrotte vis ruikt,
en de grachten gevuld zijn met bier, hutspot en pis.

La la la Leiden, la la la Leiden, la la la Leiden, tra la la
La la la Leiden, la la la Leiden, Stad waar ik nooit meer weg wil gaan.
La la la Leiden, la la la Leiden, la la la Leiden, tra la la
La la la Leiden, la la la Leiden, Stad waar ik nooit meer weg wil gaan.

 

Deel dit artikel: