Instellingen

Ruzie over winterrust voor ganzen

REGIO - Het moeizaam gesloten Ganzenakkoord is van de baan. Het Ganzenakkoord was een afspraak tussen de provincies en zeven natuur- en landbouworganisaties over het beheer van de miljoenen ganzen in Nederland.

Het akkoord zou op 1 januari 2014 van kracht worden, maar er is ruzie ontstaan over de winterrust voor de vogels. Natuurmonumenten, De12Landschappen en de Vogelbescherming wijzen de Land- en Tuinbouworganisatie LTO aan als schuldige.

Volgens hen bleken de agrariërs niet bereid om de winterrust voor ganzen te respecteren. ‘We zijn daar diep teleurgesteld over’', aldus de natuurbeheerders. Het Inter Provinciaal Overleg IPO zegt dat er ‘geen unaniem draagvlak’ was. De provincies gaan volgens het IPO nu alsnog afzonderlijke afspraken over het ganzenbeheer maken.

Probleem

Ganzen zijn een groot probleem voor de landbouw. De dieren vertrappen de gewassen, vreten akkers kaal en veroorzaken enorme schade. In het Ganzenakkoord, dat vorig jaar tot stand kwam, waren afspraken gemaakt over het afschieten van broedganzen in de zomer, terwijl trekganzen met rust zouden worden gelaten.

Vogelwerkgroep Sovon meldde vorige week nog op basis van tellingen dat afschieten van ganzen niet helpt. Steeds meer ganzen blijven in Nederland en het aantal zal nog verder groeien, aldus Sovon. De werkgroep denkt dat de enige oplossing is het platteland minder 'gansvriendelijk' in te richten. Het steeds maar uitbreiden van natte natuur trekt steeds meer ganzen, die dol op dat landschap zijn.

Vertrouwen

Volgens LTO-onderhandelaar Peter de Koeijer is er bij de boeren weinig vertrouwen dat de natuurbeheerders in de verschillende regio's zullen meewerken aan noodzakelijke extra ruimingsmaatregelen.

‘Wij zijn teleurgesteld over deze afloop van de onderhandelingen. Er zijn alleen maar verliezers. Het gebrek aan vertrouwen onder de boeren heeft te maken met ervaringen uit het verleden, waaruit bleek dat natuurbeheerders onvoldoende deden om de ganzenpopulatie aan te pakken’, aldus De Koeijer.