Verschillende typen Syriëgangers

DELFT - Iedere Nederlander die naar Syrië reist heeft zijn eigen verhaal. Volgens het Delftse gemeenteraadslid Abdel Maanaoui (PvdA) waren de eerste Syriëgangers vrome moslims die zich al lange tijd met het geloof bezighielden. ‘Zij willen hun broeders en zusters helpen, Assad omver werpen en in Syrië een islamitische staat stichten.’

Maanaoui woont sinds 1993 in Delft en kent meerdere van de naar schatting twintig Syriëgangers uit de stad, onder wie twee jongens die in Syrië zijn omgekomen. Het raadslid heeft het afgelopen jaar ook flink wat ‘meelopers’ naar Syrië zien vertrekken. ‘Het zijn jongens zonder opleiding of werk en ze zijn makkelijk te beïnvloeden. Sommigen hebben een IQ van 75.’

Ronselaars

Politie en justitie gaan ervan uit dat een deel van de Syriëgangers geronseld is voor de gewapende strijd tegen Assad. Tegen een aantal vermeende ronselaars is aangifte gedaan door familieleden van Syriëgangers. In juli werd een 19-jarige Zoetermeerse opgepakt op verdenking van het ronselen van strijders voor Syrië, maar zij werd al snel vrijgelaten. Zij zou inmiddels zelf ook in Syrië zitten. Volgens strafrechtdeskundigen is het voor het OM lastig om de opzet van de verdachte aan te tonen.

Terrorismedeskundige Edwin Bakker (Universiteit Leiden) onderschrijft dat. ‘Veel van die jongeren hebben het idee dat ze hier geen toekomst hebben en zijn soms in aanraking geweest met justitie. Ze denken dat ze iets goeds gaan doen door in Syrië te helpen.’ Onder de Syriëgangers bevinden zich relatief veel bekeerlingen, onder meer van Antilliaanse en Nederlandse afkomst. Bakker: ‘Sommige jongens hebben zich maar een paar maanden in het geloof verdiept en vertrekken dan al.’

Teruggekeerde Syriëgangers

In Syrië zijn op dit moment zo’n 1200 tot 1700 strijders uit elf West-Europese landen, blijkt uit cijfers die het persbureau AP van de regeringen van de landen heeft gekregen. Een half jaar eerder waren er volgens het persbureau nog zo’n 600 tot 800 West-Europese Syriëgangers. De Franse en Belgische ministers van Binnenlandse Zaken schatten dat er tussen de 1500 en 2000 Europese jongeren naar Syrië vertrokken om te vechten.

Volgens de Nationaal Coördinator voor Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) zijn er kleine honderd Nederlandse Syriëgangers, waarvan een groot deel afkomstig is uit onze regio. Zeker tien regiogenoten zijn inmiddels teruggekeerd uit Syrië. De gemeente Delft gaat ervan uit dat vijf jongeren zijn teruggekomen, maar sluit niet uit dat het er meer zijn. Maanaoui: ‘Zij zeggen dat ze hulp hebben geboden, maar je kan natuurlijk nooit uitsluiten dat ze mee hebben gevochten.’

Het Delftse raadslid denkt desondanks niet dat de teruggekeerde jongeren gevaarlijk zijn. Wel maakt hij zich zorgen om de maatschappelijke onrust die de teruggekeerde jongens kunnen veroorzaken. ‘Dat kan gebeuren door hele kleine dingen, een verkeerd woord of een dreigtweet.’ Volgens Maanaoui is het zaak om de jongeren te helpen bij een terugkeer in de maatschappij. Hij ziet daarbij een rol weggelegd voor onder meer de gemeente, scholen, moskeeën en maatschappelijke organisaties. ‘We moeten er met zijn allen voor zorgen dat ze niet weer in een uitzichtloze situatie komen.’

Deel dit artikel: