Zaak flitspaalbom Voorschoten nog niet klaar: na hoger beroep nu ook cassatie

VOORSCHOTEN - De verdachten van de flitspaalbom in Voorschoten gaan in cassatie tegen de straf die hen door het gerechtshof is opgelegd. Ze zijn het er niet mee eens dat ze schuld hebben aan het ontploffen van de bom. Door de ontploffing verloor een medewerkers van de EOD (Explosieven Opruimingsdienst) zijn hand.

De bom werd in oktober 2011 door Jörn de V. en Erik O. opgehangen aan een flitspaal, met het idee hem later aan te steken. De EOD was er eerder bij en wilde de bom ontmantelen. Nadat het sein veilig was gegeven, ging het explosief toch nog af.

Het gerechtshof veroordeelde Jörn de V. vorige maand tot 45 maanden cel, waarvan 6 voorwaardelijk. Zijn vriend Erik O. kreeg 3 jaar cel opgelegd. Volgens het gerechtshof zijn ze verantwoordelijk omdat ze hadden kunnen weten dat hun bom de aandacht zou trekken en de EOD eraan te pas zou komen. Of er in de ontmantelingsprocedure iets verkeerd is gegaan, doet daaraan niet af, vindt het hof.

Geen causaal verband

De V. en O. zijn het met de conclusies van het gerechtshof niet eens. Zij vinden dat er geen causaal verband is tussen het maken en ophangen van de bom en het ontploffen ervan. 'Het hof heeft onvoldoende gewicht gegeven aan het foutief c.q. onzorgvuldig handelen van de EOD-medewerkers en de hierna opgetreden explosie', stelt advocaat Steven Post. Hij staat Jörn de V. bij en vindt dat zijn cliënt niet verantwoordelijk kan worden gehouden voor de explosie, omdat de EOD zelf fouten heeft gemaakt.

Ook Erik O. vindt dat het hem niet kan worden aangerekend. Beide verdachten gaan daarom in cassatie. 'Volledigheidshalve wordt hierbij opnieuw benadrukt dat dit niet af doet aan het feit dat cliënt het ten zeerste betreurt dat de betrokken medewerkers zo zwaar gewond zijn geraakt', laat Post weten.

Terug de cel in

Bij een cassatieberoep wordt niet de hele zaak opnieuw gedaan. De Hoge Raad bepaalt alleen of het gerechtshof in haar uitspraak geen fouten heeft gemaakt. Als dat zo is, dan pas zal de zaak opnieuw worden voorgelegd aan een ander gerechtshof.

De V. moest door de uitspraak van het hof terug de cel in, om het laatste deel van zijn straf uit te zitten. O. had al zijn tijd in de gevangenis er al op zitten. 'En het gebeurt vrijwel nooit dat na cassatie een hogere straf wordt opgelegd', zegt zijn advocaat Guy Weski.

Deel dit artikel: