Brandbrief van moslimorganisaties voor minister Van der Steur: 'Moslims neergezet als tweederangs burgers'

DEN HAAG - Islamitische organisaties in de regio Haaglanden hebben de handen ineen geslagen. Ze stuurden gezamenlijk een brief naar minister minister Ard van der Steur van Veiligheid en justitie. Daarin luiden ze de noodklok over hoe er in Nederland met moslims om wordt gegaan.

In de brief wordt onder meer gerefereerd aan de media-aandacht voor Islamitische sprekers in Nederland, zoals die naar het benefietgala van Stichting Rohamaa in Rijswijk zouden komen. Termen als 'haatimam' en 'jihadgezinnen' lijken 'normaal' taalgebruik te worden, wordt geschreven. 'Dit is voor moslims zeer kwetsend en niet te tolereren.'

De brief gaat verder: 'Voor ons als bestuurders van gebedshuizen, wordt het steeds moeilijker onze achterban te overtuigen dat zij als volwaardige Nederlandse burgers kunnen participeren in onze samenleving.'

Meten met twee maten

Volgens de moslimorganisaties wordt er in Nederland gemeten met twee maten. 'Door het achterblijven van een stellingname van de overheid, bevordert dat de legitimiteit om moslim te blijven stigmatiseren en te beledigen. Immers ook hier geldt het motto 'wie zwijgt stemt toe'. Wij willen niet verantwoordelijk worden gehouden voor welke vorm van escalatie.'

Niet voor niets is de brief verzonden op Bevrijdingsdag. Er wordt een parallel getrokken met de Tweede Wereldoorlog. 'Wij willen hier niet aan denken. Op 5 mei zeggen we in Nederland dat we de bevrijding van ons land vieren met een motto als 'eens en nooit meer'. Wij weten nog niet welke vrijheid wij moeten vieren.'

Het tij keren

De briefschrijvers willen dat het tij gekeerd wordt. Daarom roepen ze de politiek op om te beginnen met constructief overleg.

Deel dit artikel: