Instellingen

'Jongeren willen ergens bij horen, daarom lijken criminaliteit en radicalisering op elkaar'

Ingrid van Engelshoven
Ingrid van Engelshoven
DEN HAAG - De aantrekkingskracht die criminele jeugdbendes op jongeren hebben is te vergelijken met die van het radicalisme. Het geeft de jongeren het gevoel ‘ergens bij te horen, dat ze iets voorstellen. Het idee dat ze iets van hun leven kunnen maken.' Dat zei de Haagse wethouder Ingrid van Engelshoven (D66, onderwijs) maandagavond tijdens een lezing voor oud-studenten van de Erasmus Universiteit in Nieuwspoort in Den Haag.
Volgens haar is het een ‘primaire behoefte’ van jongeren om ergens bij te willen horen. Ze willen onderdeel van een groep zijn. 'En wat we zien is een parallel tussen radicalisering en criminele jeugdbendes. Jongeren die boos zijn op de samenleving, omdat ze daar geen perspectief krijgen. En dan gaan ze een alternatief zoeken om ergens bij te horen: eerst criminaliteit, nu radicalisering.’
In de Haagse wijk Bouwlust werden bijvoorbeeld jongerenbendes aangepakt. Maar tijdens een bezoek aan de wijk waarschuwde de wijkagent. ‘Hij vertelde dat veel van de jongens en meisjes, die nu vatbaar zijn voor de praktijken van radicale ronselaars, jongere broertjes, zusjes, neefjes en nichtjes zijn van de jongeren die zich nog maar een paar jaar geleden aansloten bij criminele jeugdbendes’, vertelt Van Engelshoven.

'Het gaat om gerespecteerd te worden'

Volgens de wethouder lijkt het opmerkelijk dat de jongere broertjes ‘van criminelen, die drinkend, blowend en seksend de wijk onveilig hebben gemaakt’, kiezen voor het vrome bestaan van de radicale islam en zich zelfs aangetrokken voelen tot de jihad. Maar dat is het niet. ‘Want de aantrekkingskracht van criminele jeugdbendes is dezelfde als die van het radicalisme. Het gaat dan om het gevoel ergens bij te horen, iets voor te stellen, gerespecteerd te worden en iets van je leven te kunnen maken.’
Volgens de wethouder ligt er een belangrijke opdracht voor de overheid en de samenleving. Jongeren moeten zich onderdeel gaan voelen van de gemeenschap. Een goede opleiding is daarbij van groot belang. ‘Wie een goede start meekrijgt en daarmee goede kansen om zelfstandig mee te komen in onze samenleving, heeft minder aanleiding om zijn of haar heil te zoeken in radicalisering of criminaliteit.’

'Ze moeten eerlijke kans krijgen op werk'

Vervolgens moeten er dan ook nog voldoende stageplekken zijn en moeten ze een eerlijke kans krijgen op werken. Van Engelshoven erkent dat dit niet een makkelijke opgave is. ‘Voor dit soort problemen zijn geen simpele oplossingen. Dit vraagt om een zorgvuldige oplossing die je jaren moet volhouden.’