Instellingen

Haagse kroegen altijd open? Stadsbestuur wil er eerst nog een nachtje over slapen

Archieffoto
Archieffoto

DEN HAAG - De horeca in de binnenstad van Den Haag altijd open? Het college van burgemeester en wethouders wil er nog even een nachtje over slapen. Een onderzoek onder ondernemers, bewoners, de toeristische sector en studenten levert namelijk geen ‘eenduidige conclusie’ op, aldus het stadsbestuur.

Tijdens een debat over de horeca, begin dit jaar, besloot de gemeenteraad dat er een onderzoek moest komen naar het draagvlak voor vrije openingstijden voor kroegen, restaurants en disco’s in het centrum.

Nu gelden voor verschillende soorten zaken en verschillende plekken in de stad nog verschillende regels. Zo gelden voor kroegen op het Spui, de Grote Markt, het Buitenhof, het Plein en in Scheveningen-Bad geen sluitingstijden. Die mogen dus - afgezien van het terras - altijd open blijven. Zaken buiten die gebieden mogen donderdag-, vrijdag- en zaterdagnacht open blijven tot half drie en op de andere dagen tot twee uur. Daarnaast kunnen ondernemers ook nog weer ontheffingen aanvragen.

Wisselende reacties

Uit het onderzoek blijkt dat 44 procent van de horecaondernemers positief is over vrije sluitingstijden. En dat 48 procent van de bewoners en bezoekers het ook wel ziet zitten. Maar de bewonersorganisaties blijken het dan juist weer niet eens met de eigen achterban, want daarvan is 85 procent tegen. Ook de politie ziet het niet zitten. Studenten zijn wel enthousiast.

De gemeente heeft ook de voors en tegens op een rij gezet. De argumenten die pleiten voor het versoepelen van de regels zijn onder meer dat Den Haag beter kan concurreren met andere steden en dat mogelijk meer aanbod ontstaat. Verder zou het goed zijn voor de positie van Den Haag als studentenstad.

'Verkeerde ondernemers'

Nadelen zijn dat meer overlast ontstaat en het wellicht ‘verkeerde’ ondernemers aantrekt. Ook zou de politie het drukker krijgen.

Het college moet er dus nog even over nadenken. ‘Uit het onderzoek is geen eenduidige conclusie te trekken op basis waarvan een afgewogen keuze mogelijk is,’ schrijft burgemeester Jozias van Aartsen aan de gemeenteraad. ‘Uit het onderzoek blijken geen harde gegevens omtrent positieve werkgelegenheidseffecten in de praktijk. Zowel voor- als tegenstanders van vrije openingstijden hebben plausibele argumenten.’ Voor het einde van het jaar neemt het stadsbestuur een standpunt in.

Positief

D66, de grootste partij in de raad, heeft al wél een conclusie getrokken. Vrije sluitingstijden was onderdeel van het verkiezingsprogramma van de democraten en die partij wijst ook nu vooral op de positieve elementen uit het onderzoek.

Toch erkent raadslid Daniël Scheper erkent ook dat er zorgen zijn. ‘Die begrijp ik heel goed. Gelukkig zijn er steden waar een verruiming van de openingstijden heeft geleid tot juist minder incidenten. Bezoekers gaan dan namelijk verspreid naar huis, wat leidt tot minder frictie tussen personen. Toch moet er goed gehandhaafd worden in de beginperiode.’ Vandaar dat hij hoopt dat er nu een proef komt met vrije sluitingstijden.