Henk Angenent: bij Bartlehiem wist ik dat ik zou gaan winnen

ALPHEN AAN DEN RIJN - Het is woensdag precies twintig jaar geleden dat Henk Angenent uit Alphen aan den Rijn de Elfstedentocht op zijn naam schreef. Na 200 kilometer schaatsen klopte de beroemdste spruitjeskweker van Nederland op de Bonkevaart in Leeuwarden Erik Hulzebosch in de eindsprint.
'Ik was aanvankelijk niet een van de favorieten, maar ik wist wel van mezelf dat ik heel goed was die dag', zegt Angenent, die nu in Woubrugge woont. 'Ik had goed geslapen, was goed met lopen (vanaf de start moesten de rijders eerst twee kilometer met de schaatsen in hun hand naar het water rennen, red.), had eenmaal bij het ijs snel mijn schaatsen aan en zat bij Sloten - na circa veertig kilometer - al bij de voorste groep', blikt de schaatser twintig jaar later terug in een uitgebreid interview met Omroep West en Studio Alphen.


'Ik wist bij Bartlehiem al dat dit mijn dag zou worden. Ik heb geen moment zere benen gehad. Bij Dokkum wist ik dat we voor de wind naar de finish zouden gaan en dat ik ging winnen. Ik moest alleen iedereen bij elkaar houden en dan zou ik winnen', vertelt Angenent. Hij vormde samen met Henk van Benthem, Erik Hulzebosch, Arnold Stam, Piet Kleine en Bert Verduin de kopgroep.

'Ik hoopte stiekem dat iemand vroeg zou gaan sprinten op de Bonkevaart. Iemand als Bert Verduin doet dat altijd wel, dacht ik, en nu ook. Dat had ik dus al ingecalculeerd. Dat was voor mij een prachtig richtpunt om op te rijden. Toen ik Bertje in de kraag had, voelde ik Erik naast me komen en ben ik pas écht gaan sprinten.'

Waarom winnen van Hulzebosch?

'Voor de wind' naar de finish was in het voordeel van Angenent, terwijl Hulzebosch juist gebaat was bij tegenwind in de eindsprint. Angenent: 'Ik bleef schaatsen en rake klappen maken, dan houd je hoge snelheid. Waar ik twee klappen maakte, maakte Erik er vier met zijn prikslagen. Die topsnelheid die Erik daarmee genereerde, kon hij nooit lang houden. Toen Erik naast me kwam, ging ik pas echt kracht zetten terwijl Erik toen al over zijn topsnelheid heen was.'

Het leven van Angenent veranderde drastisch op 4 januari 1997. 'Direct na de finish staat je leven op zijn kop. Toen ik 's ochtends vertrok waren er misschien duizend mensen die mij kenden en na de finish waren dat er tien miljoen of meer. Dat is best wel even een shock.'

Alphen viert feest

'De huldiging in Alphen was gewoon mega, dat had ik nooit verwacht', vervolgt Angenent. Alphen aan den Rijn liep uit om de winnaar op maandag 6 januari 1997 toe te juichen. 'Ik werd thuis opgehaald in een open auto en er zou een rijtoer naar het oude raadhuis in het Burgemeester Visserpark komen. Dan denk je dat er hier en daar wel iemand langs de route zou staan, maar het zag zwart van de mensen. Dat was echt bizar. Dat geeft ook wel aan hoe mensen die dag beleefd hebben.'

Nog altijd is Angenent actief in de akkerbouw, maar niet meer fulltime. 'We doen nog wat met spruiten, aardappels en tarwe. Maar het grootste gedeelte van mijn dag werk ik aan de fokkerij van paarden en de opleiding van springpaarden. Ook begeleid ik jonge jongens in de marathonschaatssport', vertelt Angenent.

Nog een Elfstedentocht?

'Ik ga er vanuit dat 'ie nog één keer komt', zegt hij stellig. 'In 2012 waren we er heel erg dicht bij. Ik denk wel dat het pas 2024 of 2025 wordt. Je ziet dat er altijd een cyclus van twaalf jaar zit voordat je weer een periode van vier, vijf of zes strenge winters hebt waar misschien wel één of twee elfstedenwinters bij zitten.'

En als de tocht komt, wil Angenent hem opnieuw rijden. Want van de sfeer heeft hij in 1997 maar weinig meegekregen. 'Ik wil heel erg graag dat die nog een keer komt. Als wedstrijdrijder maak je niet zoveel mee van de sfeer. Daarom wil ik hem graag nog als toerrijder rijden, om echt van die sfeer te genieten.'

LEES OOK: Henk Angenent 20 jaar na Elfstedentochtzege: 'De hele dag zoet met terugblikken'
Deel dit artikel: