Instellingen

COLUMN: Wij juristen maken er een potje van

Column Bart Nieuwenhuizen
Column Bart Nieuwenhuizen

DEN HAAG - Juristen maken er af en toe een potje van. En ik ben er zelf eentje, dus ik mag het zeggen. De simpelste dingen worden tot op het bot afgekloven. Met de bedoeling zo precies mogelijk te kunnen omschrijven wat we bedoelen.

Het gevolg is dat juridische taal iets anders is dan wat we elke dag met elkaar spreken. Ze verhouden zich ongeveer zoals het Fries en het Nederlands. Wel familie maar toch best lastig te verstaan als je er niet mee opgevoed bent.

Om een paar voorbeelden te noemen. Het woord 'diefstal' komt in het wetboek van strafrecht niet voor. Dat rept over het 'wegnemen van enig goed dat geheel of ten dele aan een ander behoort.'

'Goed', dat klinkt als iets wat je vast kunt pakken. Maar in 1921 heeft de Hoge Raad bepaald dat ook 'elektriciteit' als een 'goed' geldt. En sindsdien gelden heel veel dingen die je niet kunt vastpakken, juridisch als goed. Giraal geld, bitcoins, virtuele voorwerpen uit games als Runescape.

Nog zoiets: tijdens het proces-Wilders kwam het begrip 'ras' geregeld voorbij. Voor veel mensen heeft dat iets te maken met huidskleur. Maar juridisch gezien heeft het begrip 'ras' een veel bredere betekenis. Het gaat ook over 'afkomst of nationale of etnische afstamming'.

Dat heeft het OM niet zelf bedacht. Zo staat het letterlijk  ja letterlijk - in het VN-verdrag tegen rassendiscriminatie dat Nederland heeft ondertekend. Dus ja, juridisch gezien zijn Marokkanen een ras, zoals de rechter nog eens heeft vastgesteld.

Juridisch taal. Best ingewikkeld. Maar dat kan nooit een excuus zijn waar juristen zich achter mogen verschuilen. Alles is uit te leggen. Je moet de uitleg natuurlijk wel willen horen. Want tegen dovenmansoren valt niet op te praten.

Uw hoofdofficier,

Bart Nieuwenhuizen

Reageren? Stuur Bart via bartnieuwenhuizen@omroepwest.nl een bericht.


Alle columns van Bart zijn gebundeld op een aparte pagina.