Instellingen

Justitie eist 11 jaar cel tegen Ricky G. voor fatale schietpartij in Ypenburg

De bloemen liggen op de plek waar het slachtoffer lag.
De bloemen liggen op de plek waar het slachtoffer lag. © Omroep West

DEN HAAG - De officier van justitie heeft maandag 11 jaar cel geëist tegen Ricky G. uit Den Haag. G. schoot vorig jaar de 28-jarige Dyniël dood in Ypenburg. Dat hij daarvoor jarenlang stelselmatig werd bedreigd door Dyniël, valt volgens de officier van justitie niet vast te stellen.

Dyniël

tijdens een zoveelste ruzie tussen hem en Ricky, die alweer een paar jaar samenwoonde met Dyniëls ex Priscilla. Volgens G. werd hij

, maar de officier ziet daarvan weinig terug in het dossier. 'Het is vooral gebaseerd op verklaringen van Ricky en Priscilla.'

Dat er sprake was van grote angst, betwijfelt de officier. 'Verdachte kocht een wapen omdat hij zich naar eigen zeggen zó bedreigd voelde. Toch nam hij het wapen nooit ergens mee naartoe, als hij de deur uit ging.' De officier van justitie stelde verder dat Priscilla in contacten met haar ex ook haar mondje bij zich had. 'Ik haat je tot op het bot. Lekker doodgaan!', appte ze naar Dyniël. De officier: 'Ik krijg dus niet de indruk dat ze heel bang voor hem was.'

Geen herinnering

Ricky G. zegt dat hij niet meer weet wat er is gebeurd, omdat hij buiten zichzelf was. Hij heeft nooit eerder geheugenverlies gehad, misschien kwam het nu door extreme angst. Maar dat betwijfelt de officier van justitie. 'Als hij echt zo bang was, dan was hij met zijn gezin naar binnen gegaan. Misschien had hij wel het wapen gepakt, maar hij was binnen gebleven.'

Maar Ricky G. zoekt juist de confrontatie op, vindt de officier van justitie. 'Er was vlak voor het schieten geen enkele sprake meer van dreiging. Dat wijst er dus niet op dat hij uit angst zichzelf niet meer was.' Volgens deskundigen is Ricky G. ook volledig toerekeningsvatbaar.

Doodslag

Dat Ricky G. zich lang heeft kunnen bezinnen, en dat dus sprake is van voorbedachten rade, is volgens de officier van justitie niet te bewijzen. 'Verdachte liep met het wapen onder zijn trui naar buiten en stond even voor zijn tuin. Dat kan wijzen op de mogelijkheid zich te bedenken. Maar ik kan ook niet uitsluiten dat hij het wapen daadwerkelijk alleen voor de zekerheid heeft gepakt. Dat hij zich daadwerkelijk bedreigd voelde, of het wilde hebben voor het geval het slachtoffer een wapen zou trekken. Dat de beslissing te schieten pas volgde toen het slachtoffer weer uit de auto stapte.' De officier kan voorbedachten rade dus niet bewijzen en gaat daarom uit van doodslag en niet van moord.

'Het slachtoffer kwam die middag verhaal halen omdat zijn zoontje zou zijn geslagen', zei de officier van justitie. 'Daarbij is ook gedreigd. Dat had hij nooit zo mogen doen. Maar het geeft verdachte geen enkele rechtvaardiging voor zijn handelen.'