Lijsttrekkersverkiezing levert partij lang niet altijd winst op

DEN HAAG - De afdelingsvoorzitter van de Haagse PvdA is ‘ontzettend blij’ met de twee kandidaten voor het lijsttrekkerschap voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2018. ‘Onze leden hebben echt wat te kiezen’, stelt Paulien van der Hoeven in een verklaring. Maar levert de tweestrijd tussen wethouder Rabin Baldewsingh en fractievoorzitter Martijn Balster ook stemmen op, in maart volgend jaar? Waarschijnlijk niet, is de ervaring.
Een lijsttrekkersverkiezing heeft vaak alleen een positief effect op korte termijn, zegt politicoloog dr. Josje den Ridder die als wetenschappelijk medewerker is verbonden aan het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Dat komt dan omdat media in een periode van zo’n verkiezing veel aandacht besteden aan een partij. Maar op lokaal niveau speelt dat wel iets minder, denkt zij.

Een lijsttrekkersverkiezing zorgt ook voor tegengestelde effecten, is de ervaring. Aan de ene kant kan die ervoor zorgen dat het goed is voor een imago van een partij. Bijvoorbeeld omdat leden mogen meedoen en het idee ontstaat van een open partij. Zeker als niet alleen de leden mogen meestemmen, maar iedereen.

Ruzie

Tegelijk is er een risico. Mensen kunnen ook denken dat er sprake is van ruzie of een partij zonder kleur, die iets moet doen of mensen te activeren. De resultaten in de praktijk zijn dan ook wisselend, stelt Den Ridder. De laatste landelijke lijsttrekkersverkiezing – tussen Diederik Samsom en Lodewijk Asscher - was niet bepaald een succes.

Maar het kan ook anders. Want in 2002 hield de PvdA een intern partijreferendum over het lijsttrekkerschap bij de Tweede Kamerverkiezingen van het jaar erna. De strijd ging tussen Wouter Bos, Jeltje van Nieuwenhoven, Jouke de Vries en Klaas de Vries. De eerste won glansrijk. Het zorgde voor een compleet nieuw elan bij de sociaal-democraten, die in 2002 harde klappen hadden gekregen. Den Ridder: ‘De partij straalde daarmee uit de lessen te hebben begrepen van de periode ervoor. Het zorgde voor een nieuw imago.’ De PvdA groeide in 2003 met negentien zetels en werd net niet de grootste partij van Nederland.

Opnieuw uitvinden

De PvdA staat nu weer voor zo’n punt en moet zichzelf weer na desastreuze uitslag van 15 maart opnieuw uitvinden. Maar het is de vraag hoe een lokale lijsttrekkersverkiezing daaraan kan bijdragen. Eerst moet landelijk een nieuwe koers worden uitgezet voordat de kiezer weer massaal wordt aangesproken door de PvdA, denkt de politicoloog. Wel heeft de verkiezing mogelijk een effect op de lokale leden, die geactiveerd worden. ‘Het kan leiden tot enthousiasme.’

De PvdA in Den Haag heeft wel een traditie van lijsttrekkersverkiezingen. In 2005 mochten de leden kiezen tussen Jetta Klijnsma en Marnix Norder, toen won de eerste. In 2009 deed Norder weer mee, toen was Jeltje van Nieuwenhoven zijn tegenkandidaat. Zij won. Vier jaar geleden deden zelfs vier mensen mee aan de verkiezingen: Marieke Bolle, Jos de Jong, Gerard Verspuij en ook Rabin Baldewsingh. De laatste won toen met slechts zeven stemmen verschil van Verspuij.

Bergafwaarts

Maar een direct verband tussen een ledenraadpleging en succes bij de verkiezingen daarna, lijkt er niet direct te zijn. Want alleen bij de verkiezingen van 2006, won de PvdA veel zetels en groeide van tien naar vijftien. De jaren daarna ging het bergafwaarts. De zes zetels die de partij nu heeft, zijn het absolute dieptepunt tot nu toe.

Speelt ook mee dat het resultaat van lokale verkiezingen voor een groot deel wordt bepaald hoe de partij het landelijk doet. Een tweestrijd Baldewsingh-Balster moet wel heel erg gaan leven in Den Haag wil het de PvdA aan populariteit helpen, zegt Den Ridder. ‘Je hebt leden die de lokale politiek erg interessant vinden en voor wie dit meespeelt. Maar voor veel mensen is het interessanter wat de PvdA landelijk gaat doen.’
Deel dit artikel: