Instellingen

Gemeenten: Huisvesting asielzoekers verloopt goed

Woningen statushouders Ypenburg
Woningen statushouders Ypenburg © Omroep West
DEN HAAG - De huisvesting van asielzoekers met een verblijfsvergunning in onze regio verloopt goed. Er zijn de afgelopen jaren nauwelijks incidenten geweest. Dat zeggen gemeenten tegen Omroep West.
De gemeenten vinden ook dat ze goed hebben gecommuniceerd met omwonenden en zien vrijwel geen punten die ze met de kennis van nu anders zouden doen. Toch is lang niet alles goed verlopen rond de huisvesting van ‘statushouders’. Zo deed de gemeente Midden-Delfland in het najaar van 2015 een voorstel om statushouders te huisvesten in veertig tot zeventig mobiele woningen.
Daar ontstond veel weerstand tegen onder inwoners. ‘Al snel is het voorstel aangepast naar een variant waar veel meer draagvlak voor was. Sindsdien is de communicatie met de omwonenden goed en open verlopen’, aldus de gemeente. Inmiddels is Midden-Delfland ‘tevreden, zelfs een beetje trots, op onze inspanningen en resultaten voor de huisvesting van statushouders’.

Ypenburg

In Den Haag ging vorige maand een groep statushouders verhaal halen op het stadhuis, omdat zij ontevreden zijn over de huisvesting in de wijk Ypenburg en de hoogte van hun uitkering. Asielzoekers die een nieuwe huurwoning delen, kunnen ook de woonlasten met elkaar delen, aldus de overheid. Het bedrag dat ze daarmee besparen, wordt op hun uitkering ingehouden. Ook kunnen de statushouders die zo samenwonen geen aanspraak maken op huurtoeslag.  
De huisvesting van asielzoekers aan de Jupiterkade op de Binckorst is geen groot succes gebleken, vindt ook de gemeente. Toch is Den Haag over het algemeen tevreden over de huisvesting van de statushouders in de stad: ‘Terugkijkend kan gesteld worden dat van problemen of incidenten met betrekking tot de openbare orde of veiligheid geen sprake is geweest.’          

Voorrang

Veruit de meeste statushouders wonen in sociale huurwoningen. Zij krijgen bij de toewijzing voorrang op ‘gewone’ huurders. Gemeenten en woningcorporaties zeggen de asielzoekers zoveel mogelijk te willen spreiden om de integratie te bevorderen. De voorrangspositie van statushouders bij de toewijzing van sociale huurwoningen is al langere tijd een dilemma voor gemeenten, die in sommige gevallen kampen met lange wachtlijsten.
Den Haag heeft met de corporaties in de stad afgesproken dat zij maximaal 10 procent van hun vrijkomende woningen toewijzen aan statushouders.  Doordat gezinshereniging soms lang op zich laat wachten of niet doorgaat, woont een statushouder soms in een appartement met meerdere kamers, aldus de gemeente Katwijk. ‘Dit wordt door andere woningzoekenden niet altijd begrepen.’

Buren

In andere gevallen is het juist onvermijdelijk dat grote groepen statushouders bij elkaar worden gehuisvest. Zo wonen er statushouders – al dan niet tijdelijk – in een kerk (Zoeterwoude), woonzorgcentra (Zoetermeer, Pijnacker en Leiden), een leegstaand appartementencomplex (Waarder), kantoorpand (Delft), schoolgebouw (Noordwijk) en speciaal gebouwde (tijdelijke) woningen (onder meer in Zevenhoven en Leiden). Vrijdag werd bekend dat er in het voormalige ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in Den Haag 175 alleenstaande asielzoekers worden gehuisvest, de helft van wat aanvankelijk de bedoeling was.    
Sommige gemeenten hebben huizen aangekocht om de statushouders te huisvesten. Pijnacker-Nootdorp hecht daarbij veel waarde aan het oordeel van de buren. ‘Op het moment dat de gemeente een woning in beeld had om aan te kopen is contact gezocht met de naaste buren om te spreken over de mogelijke komst van vergunninghouders. Pas na dat gesprek is een koopovereenkomst gesloten. Zouden de naaste buren onoverkomelijke problemen hebben dan zou de koop niet doorgaan.’

Onrust

Veel gemeenten merken dat er bij omwonenden onrust ontstaat zodra bekend wordt dat er asielzoekers in de buurt komen wonen. Maar die onrust verdwijnt meestal ook weer snel, zegt onder meer de gemeente Krimpenerwaard. ‘De betreffende statushouders hebben kennisgemaakt met omwonenden waarmee de kou uit de lucht was.’ Toch ontstaat er volgens Pijnacker-Nootdorp  ‘soms juist na langere tijd pas ongemak tussen buren omdat men dan gaat merken waar de verschillen in gewoontes zitten’.
Gemeenten stellen buren niet op de hoogte als zich in een wijk individuele asielzoekers of een gezin vestigen. ‘Zodra statushouders in onze gemeente komen wonen, zijn het gewone inwoners’, aldus Leidschendam-Voorburg. ‘De gemeente informeert omwonenden niet bij de komst van nieuwe inwoners. Dat zou anders zijn geweest als op een grote locatie meerdere statushouders zouden komen wonen, maar dat is in Leidschendam-Voorburg niet het geval.’