Historische onderdelen stoomtramstation terug naar Scheveningen

DEN HAAG - Vijf spanten van het oude stoomtramstation in Scheveningen komen terug naar Den Haag. De spanten werden, na de schade die het station leed tijdens de Tweede Wereldoorlog, hergebruikt in een bedrijfshal in Delft. Omdat dit gebouw moet wijken voor nieuwbouw kunnen de spanten terug naar hun plaats van oorsprong.

Het stoomtramstation van Scheveningen werd gebouwd in 1879, als onderdeel van de allereerste stoomtramlijn van Nederland. Deze vervoerde passagiers tussen Scheveningen en het toenmalige Station Staatsspoor op de plek van het huidige Den Haag Centraal. De sierlijke, ijzeren spanten vormden de draagconstructie voor de perronkap van het Scheveningse station. De overkapping werd gesloopt nadat het tramstation zware oorlogsschade had opgelopen tijdens de Tweede Wereldoorlog.

In 1953 werden de vijf spanten hergebruikt voor een bedrijfshal aan de Abtswoudseweg in Delft. Waarschijnlijk heeft een sloper de spanten van het station aangekocht en te koop aangeboden. Volgens een bouwhistorische notitie van de gemeente Delft zouden de oude ijzeren spanten afkomstig zijn van het gesloopte 'tramstation van Scheveningen'.

Terugkeer naar Den Haag

De spanten zitten in de voormalige Haring-loods, die tegenwoordig het HiTechCentreDelft huisvest. Vanwege de herontwikkeling rond het spoorzonegebied wordt de loods op termijn afgebroken. De spanten kunnen dan een nieuwe functie krijgen op Scheveningen. De gemeente Den Haag gaat in gesprek met Scheveningers om te bekijken hoe de spanten het best gebruikt kunnen worden.

Volgens Chris Dieke, adviseur monumentenzorg van de gemeente Delft, zijn de spanten van grote historische waarde. 'Niet alleen vanwege de bijzondere vorm, het materiaalgebruik en de constructiewijze, maar ook omdat ze een tastbare herinnering vormen aan het railverleden van Den Haag.'

LEES OOK: 113 jaar oude tram weer terug in Den Haag

Deel dit artikel: