Steekverdachte Malek F. (32) voor het eerst voor de rechter

DEN HAAG - Malek F., die er van verdacht wordt op Bevrijdingsdag drie mensen te hebben neergestoken op het Johanna Westerdijkplein in Den Haag, staat maandag voor het eerst voor de rechter. Het Openbaar Ministerie (OM) klaagt F. aan voor drie pogingen tot moord of doodslag met een terroristisch oogmerk. En twee bedreigingen met zware mishandelingen.

Omdat het OM de 32-jarige Syriër vervolgt voor 'met terroristisch oogmerk' kan zijn straf hoger uitvallen als de rechter hem daar ook voor veroordeelt. De maximum straf voor een poging tot moord is twintig jaar. Als bewezen wordt dat het met terroristisch oogmerk is, dan zou dat levenslang kunnen worden. Op poging tot doodslag staat maximaal tien jaar cel, met een terroristisch oogmerk het dubbele.

Volgens autoriteiten is er sprake van terrorisme als iemand met ideologische motieven ernstig geweld gebruikt of daar mee dreigt. En als doel heeft angst zaaien, iets te veranderen in de maatschappij of politieke besluitvorming te beïnvloeden.

Facebook-post

Twee aanwijzingen die dit scenario zouden kunnen ondersteunen: een post op Facebook die tijdens het politie-onderzoek gevonden werd. Daarin schrijft F. dat 'ongelovigen moeten lijden'. Ook waarschuwde een anonieme briefschrijver dat F. van plan was om een 'terroristische daad' te plegen. De advocaat van F., de Haagse strafpleiter Job Knoester, zei eerder dat er geen enkele aanwijzing was voor een terroristisch motief.

Tijdens de rechtszaak speelt ook de geestesgesteldheid van de F. een rol. In hoeverre hebben zijn psychische problemen meegespeeld bij zijn daden. Of hij zo in de war was dat zijn daden hem niet meer aan te rekenen zijn, is een vraag voor de deskundigen.

Waanideeën

Dat F. psychische problemen heeft is wel duidelijk. Hij vlucht voor de oorlog uit Syrië en kan de dood van zijn vader, die verdrinkt als hij wil vluchten, maar moeilijk verwerken. Vrienden en familie zien F. vervolgens afglijden. Zo heeft hij waanideeën en denkt dat hij achtervolgd wordt. Ook begint F. drugs te gebruiken en veel te drinken, een ongelukkige combinatie met zijn medicijnen.

Buurtbewoners waarschuwen voor F. omdat hij schreeuwend over straat zou lopen. Begin februari van dit jaar gooit hij zijn meubels op straat, vanuit zijn huis in het centrum van Den Haag. Daarna zit hij tot begin maart in een GGZ-instelling om vervolgens ambulant te worden behandeld. Iets wat een goede vriend van de Syriër niet begrijpt: 'Alle mensen zagen dat hij gek was maar hij mocht gewoon vrij rondlopen', zegt hij na de gebeurtenissen op Bevrijdingsdag tegen de NOS.

Aangifte van de familie

Vrienden en familie trekken, naar eigen zeggen, meerdere keren aan de bel bij GGZ-instelling Parnassia. Maar F. krijgt niet de juiste hulp, vinden ze. Zijn familie doet uiteindelijk aangifte tegen Parnassia, omdat ze vinden dat de instelling mede verantwoordelijk is voor het zware lichamelijke letsel van de slachtoffers.

Ook voor het Openbaar Ministerie is wel duidelijk dat F. psychisch in de war is. Op de zitting van maandag zullen ze de rechtbank daarom ook vragen om hem te laten observeren in het Pieter Baan Centrum. De zitting begint om 11.00 uur in de rechtbank op Schiphol. Verslaggever Sander Knura volgt de zaak, hij doet verslag via Twitter.

LEES OOK:

Deel dit artikel: