Geen compensatie voor gesloopte viskraam Haagse Markt

DEN HAAG - De gemeente Den Haag hoeft viskraamhoudster Shelley Vrolijk geen nadeelcompensatie van 68.000 euro te betalen. Dat heeft de Raad van State woensdag bepaald. Begin deze maand vroeg de Wateringse viskraamhoudster om de compensatie, aangezien de viskraam in 2015 werd gesloopt door de gemeente bij de verbouwing van de Haagse Markt. Zo wilde de gemeente meer eenheid op de markt creëren en moesten kramen voortaan aan allerlei afmetings- en bouwregels voldoen.

De viskraamhoudster kreeg geen schadevergoeding voor het slopen van de kraam - naar eigen zeggen de Jaguar onder de Haagse marktkramen - omdat deze niet op haar naam stond. Ook had Vrolijk geen vergunning voor de kraam. Die was ze vergeten aan te vragen toen zij in 2011 de viskraam overnam van de vorige eigenaar, die door een slepende ziekte niet langer in staat was de marktkraam te runnen.  

De viskraamhoudster vindt het geen stijl van de gemeente om geen cent nadeelcompensatie voor de kraam te geven. De gemeente vindt dat Vrolijk bij de overname van de standplaats en viskraam in 2011 had kunnen en moeten weten dat de Haagse Markt flink op de schop zou gaan. Dit was volgens de gemeentewoordvoerder al in 2009 bekend gemaakt. Vrolijk ontkende dat dat zij door de gemeente op de hoogte is gesteld.

Oneerlijk

De visverkoopster vond de gang van zaken buitengewoon oneerlijk. Pas toen het op uitkeren van de schadevergoedingen kwam, wees de gemeente op het feit dat ze geen vergunning had, stelt ze. Eerder werd daar nooit een probleem van gemaakt, terwijl de gemeente volgens Vrolijk wel wist dat ze de kraam had overgenomen in 2011. Inmiddels heeft ze een nieuwe kiosk, inclusief vergunning.

De Raad van State is het eens met de gemeente dat Vrolijk geen recht heeft op compensatie in welke vorm dan ook.

Deel dit artikel: