Eisen tot negen jaar cel tegen Haagse 'heroïnefamilie'

DEN HAAG - Overdag een kwekerij voor paprika's in Bergschenhoek, maar 's avonds en 's nachts een lab voor de productie van heroïne. Voor het Openbaar Ministerie (OM) is het duidelijk dat twaalf ontkennende verdachten hierbij betrokken waren, onder wie vier Haagse broers, een neef en hun zwager. Ook een grondstoffenhandelaar is verdachte. De aanklager eiste woensdag voor de rechtbank in Den Haag straffen oplopend tot negen jaar cel.

De hoogste strafeisen waren voor de broers die volgens het OM het bedrijf leidden en de criminele activiteiten aanstuurden. De heroïne maakten ze uit morfine, die zij bewerkten met grote hoeveelheden chemische stoffen als azijnzuuranhydride en natriumcarbonaat. Het leverde in 2017 op zijn minst vijfhonderd kilo heroïne op, aldus de aanklager, die was bestemd voor Frankrijk en Duitsland. Voor zover hem bekend is het de eerste keer in Nederland dat een heroïnelab tot vervolging leidde.

Grondstoffenhandelaar Dingeman van D. uit het Brabantse Oosterhout hoorde drie jaar cel eisen. Hij heeft volgens het OM 'met een toneelstuk het chemische bedrijf Univar misleid' om duizenden liters chemicaliën aan de drugsbende te kunnen leveren. De aanklager geloofde niets van de verklaring van hem en de broers dat het spul werd gebruikt voor de schoonmaak. Tegen een Haagse vrouw die als katvanger fungeerde, is zes maanden cel geëist wegens valsheid in geschrifte.

'Tuinbouwbedrijf was puur een dekmantel'

Het OM ziet de broers van de familie Ç., van Turkse komaf en tussen de 43 en 56 jaar, als spil van de criminele organisatie. Het tuinbouwbedrijf met locaties in Bergschenhoek, Berkel en Rodenrijs, Pijnacker en Maasdijk was puur een dekmantel, zei de aanklager. De politie kwam de bende begin 2017 op het spoor, plaatste heimelijk camera's en tapte vele gesprekken af. Afgelopen maandag, bij de start van het zesdaagse proces, liet de 'heroïnefamilie' zelf weinig tot niets los.

Deel dit artikel: