Over de bijzondere bouw van de Ridderzaal bestaan meer vragen dan antwoorden

DEN HAAG - Op het eerste gezicht lijkt er niets vreemds aan de Ridderzaal op het Haagse Binnenhof. Toch viel Rick van Uum uit Den Haag iets op aan misschien wel het bekendste gebouw van Nederland: een van de twee torens van de Ridderzaal staat verder van het gebouw af dan de ander. Konden ze vroeger niet goed rekenen of is het een bouwfout? Dat zou Van Uum graag willen weten. Dus heeft hij de rubriek Rake Vragen ingeschakeld.

'Het is een gebouw vol raadsels', zegt archeoloog Monique van Veen, werkzaam bij de gemeente Den Haag. Zij heeft in het verleden veel onderzoek gedaan naar het Binnenhof. En de Ridderzaal blijft haar boeien en verbazen.

Het begint eigenlijk al met de oorsprong van het gebouw. De Ridderzaal is de ontvangstzaal van het Binnenhof, dat in de dertiende eeuw werd gebouwd als grafelijk zalencomplex in opdracht van graaf Floris V.

Bouwjaar Ridderzaal onduidelijk

Onduidelijk is hoe oud de Ridderzaal precies is, vertelt Van Veen. 'Uit historische gegevens weten we dat Floris V op 25 december 1295 een groot ontvangst heeft waarbij veertijg personen zijn uitgenodigd die tot ridder worden geslagen. Je kunt niet anders voorstellen dan dat heeft plaatsgevonden in de Ridderzaal, maar dat is nog geen bewijs over de leeftijd van het gebouw.'

Door bestudering van het hout valt er wel een indicatie te geven wanneer de Ridderzaal is afgerond. In de torens zit nog origineel hout dat is gebruikt bij de bouw. Uit onder meer jaarringonderzoek valt er een schatting te geven over de leeftijd van het gebouw. Van Veen: 'Dan kom je uit op 1289 plus of min zes jaar. Maar wanneer Floris V is begonnen met de bouw blijft onduidelijk.'

Blunderende bouwmeester

Maar niet alleen de leeftijd van de Ridderzaal is gehuld in een mist van onduidelijkheid. Want hoe is de Ridderzaal bijvoorbeeld aan zijn grote overkapping gekomen van 18 meter doorsnede, zonder ondersteuning van pilaren? Geen ander gebouw op het continent is in die periode op dezelfde manier gebouwd. Van Veen: 'Er wordt gedacht dat Floris V in Engeland is geweest en daar bij kerkgebouwen zijn inspiratie heeft opgedaan. Daar is dan uiteindelijk dit ontwerp uitgekomen.'

De overkapping is in de negentiende eeuw trouwens nog het middelpunt van een rel. Bouwmeester Willem Rose haalt in 1861 de houten kap van de Ridderzaal weg omdat hij denkt dat het niet om de originele middeleeuwse kap gaat. Hij vervangt de houten kap door een gietijzeren constructie. Archeoloog Monique van Veen: 'Rose heeft bij de restauratie een reparatiestuk met een jaartal uit de zeventiende eeuw aangezien als de datering voor de hele kap.'

Metselwerk vervangen

De blunder kan aan het einde van de negentiende eeuw worden hersteld. Het geluk wil dat twee jaar voor de desastreuze restauratie iemand de originele kap helemaal heeft opgetekend en ingemeten. Aan de hand van deze informatie kan de kap worden gereconstrueerd. Maar we kijken tegenwoordig dus niet meer naar het middeleeuwse hout in de Ridderzaal.

Ook het metselwerk van het gebouw is niet meer helemaal origineel. De buitenkant is in de loop der eeuwen flink gerestaureerd. Dat kun je ook zien omdat het heel mooi regelmatig is gemetseld. Vermoedelijk was het originele metselwerk wat onregelmatiger.

Rode Ridderzaal

Binnen in de kelder van de Ridderzaal zie je nog iets van het originele metselwerk. Van Veen: 'Dat metselwerk is veel lomper gedaan, al hoeft het metselwerk in een kelder er natuurlijk ook niet heel mooi uit te zien.

Overigens heeft de Ridderzaal vroeger een andere kleur gehad. Van Veen: 'Waarschijnlijk was het metselwerk van de torens en voorgevel bedekt met een laag rode aarde. Daarvoor zijn rekeningen van de werkzaamheden van gevonden uit zowel uit de veertiende als de vijftiende eeuw. Er is witte kalk gebruikt om de nissen een contrasterende kleur te geven. In die periode vond men deze kleuren mooi.'

Flink gesleuteld aan het gebouw

En dan de torens, die verschillen nogal van elkaar. Van Veen: 'De linkertoren heeft een grotere omvang dan de rechtertoren. Ik denk ongeveer een halve meter verschil. Ook is de 'dikke toren' iets meer naar voren geschoven. In de linkertoren heb je een rij kleine nissen en een klok (al sinds de veertiende eeuw). En het dak van het ene torentje is hoekig en die van de andere rond.'

Wat origineel is en wat niet, is vaak moeilijk vast te stellen. Door de eeuwen heen worden dingen toegevoegd of aangepast aan het gebouw omdat men het mooier vindt of denkt dat het er oorspronkelijk zo heeft uitgezien. 'De torens zijn waarschijnlijk ook nooit helemaal gelijk geweest. We weten natuurlijk niet hoe ze eruit hebben gezien toen ze werden gebouwd. Maar je kunt er allemaal spannende dingen bij bedenken', aldus Monique van Veen.

Raadsel nooit opgelost

Maar hoe zit het nu met de vraag van Rick van Uum, over waarom die linkertoren die verder van het gebouw afstaat dan de rechtertoren? Archeoloog Monique van Veen zegt dat dat voor deskundigen ook nog steeds een raadsel is. Van Veen: 'Je kunt zeggen, is er ooit een fout gemaakt? Dat kan ik mij haast niet voorstellen. Ik denk dat dat met opzet is gedaan, alleen de reden daarvoor weten we niet.'

Maar Van Veen durft wel te speculeren: 'Misschien was er bij de ene toren een bredere doorgang nodig. Op de torens stonden vroeger torenwachters die de omgeving in de gaten moesten houden. Misschien hadden ze bij de ene toren meer ruimte nodig om de omgeving goed te kunnen zien. Het blijft heel curieus, niemand heeft het raadsel ooit opgelost.'

LEES OOK: Een snelle parkeerboete? Lees hier hoe dat komt

Meer over dit onderwerp:
RIDDERZAAL DEN HAAG RAKE VRAGEN
Deel dit artikel: