Bombardement op bevolkingsregister tijdens Tweede Wereldoorlog onder vuur

DEN HAAG - De Nederlandse regering in ballingschap heeft doelbewust Nederlandse ambtenaren in dienst van de bezetter omgebracht. Dat concludeert amateurhistoricus Henk Kuilder na drie jaar onderzoek. 75 jaar geleden vernietigden Britse bommenwerpers de Rijksinspectie van de Bevolkingsregisters, gevestigd in de voormalige kunsthandel Kleykamp in Den Haag. Daarbij kwamen 65 mensen om het leven.
Op 11 april 1944, vlogen zes 'Mosquito's' - jachtbommenwerpers - van de Britse Royal Air Force (RAF) over Den Haag. Het doelwit was duidelijk, de vernietiging van het gebouw van de Rijksinspectie van de Bevolkingsregisters, gevestigd in Villa Kleykamp. Via dit archief konden de persoonsbewijzen van alle inwoners van Nederland gecontroleerd worden.
Henk Kuilder herinnert zich nog dat hij aan het buitenspelen was, toen er in de verte een paar doffe knallen klonken. 'Het was alsof er boeken in een kast omvielen', zegt Kuilder. De toen 7-jarige Kuilder rende richting het Vredespaleis waar het drama zich voltrok. Vanaf een muurtje van de nabijgelegen begraafplaats zag hij hoe de slachtoffers afgevoerd werden. Bij het bombardement kwamen 65 personen om het leven en raakten 67 mensen gewond. Vrijwel alle ambtenaren, 59, kwamen om het leven.

Kantooruren

Het bevolkingsregister was een doorn in het oog van het verzet. Het maakte het onmogelijk voor onderduikers om met valse persoonsbewijzen aan eten te komen. Het verzet maakte zich ernstig zorgen en drong aan bij de Nederlandse regering om het register te bombarderen. Het bevolkingsregister kon hierdoor lam worden gelegd.
Henk Kuilder heeft drie jaar onderzoek gedaan naar de reden waarom het bombardement op klaarlichte dag tijdens kantooruren werd uitgevoerd. De verklaring die in geschiedschrijving het meest wordt genoemd is dat het gebouw overdag is gebombardeerd omdat op dat moment de registerkasten open stonden. Op die manier konden de papieren registers vernietigd worden. Henk Kuilder trekt na zijn onderzoek deze redenering in twijfel.

Vernietigen documenten

Historici praten elkaar volgens Kuilder vooral na, door het overdag bombarderen toe te schrijven aan de open registers. Deze reden is volgens Kuilder grotendeels gebaseerd op de verklaring van Cornelis Moolenburgh, een Nederlandse kapitein, die de contactpersoon was tussen de Nederlandse regering en de Britse luchtmacht. In 1975 laat Moolenburgh weten dat het enige doel van het overdag bombarderen was om zo veel mogelijk registers te vernietigen.
Kuilder spreekt dit tegen. 'De RAF wilde in eerste instantie helemaal niet bombarderen, een van de argumenten was dat het vernietigen van het beoogde papier waarschijnlijk niet werkte.' Kuilder laat dit zien in een brief van de RAF aan Moolenburgh. Volgens hem waren Moolenburgh en de Nederlandse regering er dus wel degelijk van op de hoogte dat het vernietigen van de documenten lastig werd.

Ambtenaren

Toch gaf de Nederlandse regering opdracht om overdag het kantoor de bombarderen. Volgens Kuilder omdat de Nederlandse regering het gehele systeem inclusief de ambtenaren van het bevolkingsregister wilden uitschakelen.
Het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD) twijfelt ondanks het bewijsstuk niet aan de beweegredenen van de regering. In de brief wordt namelijk niet de kwestie rondom het overdag bombarderen besproken. Wel vraagt het NIOD zich af of het aantal slachtoffers te rechtvaardigen valt, als hoge prijs voor het vernietigen van het register.
Na het bombardement bleek slechts een deel van het register vernietigd. Toch kon de bezetter het bevolkingsregister met de persoonsbewijzen niet meer gebruiken. Volgens Henk Kuilder komt dit ook doordat vrijwel alle ambtenaren met hun kennis om het leven zijn gekomen. De vraag blijft of deze dode ambtenaren een noodzakelijk kwaad waren of juist een doel van het bombardement.