Onderwijsinspectie over Hindoeschool: kwaliteit en veiligheid zijn ondermaats

DEN HAAG - Met een rechtszaak probeerde de Hindoeschool in Den Haag donderdag een vernietigend rapport van de Inspectie van het Onderwijs tegen te houden. Door die rechtszaak ligt het 92 pagina's tellende rapport nu grotendeels op straat. Hieronder lees je enkele belangrijke punten.

1. Kwaliteit schiet tekort

De kwaliteit van het onderwijs schiet 'volgens alle standaarden' tekort, en de school is 'ernstig nalatig' bij het nemen van maatregelen om de kwaliteit en voortgang van het onderwijs te garanderen. De Inspectie noemt als voorbeeld dat meerdere onbevoegde leerkrachten voor de klas staan.

De school wijt dit aan het slecht functioneren van de oude directie die dan ook in oktober is ontslagen. Volgens de Inspectie is dat niet aan de orde: als het allemaal afhankelijk zou zijn van een persoon ontbreekt ten enenmale de structuur om dit probleem aan te pakken.

2. Veiligheid niet gewaarborgd

De veiligheid van personeel, ouders en leerlingen is niet gewaarborgd. De school scoort daarbij 'substantieel lager dan het landelijk gemiddelde', blijkt uit onderzoek dat de school zelf in oktober heeft uitgevoerd op verzoek van de Inspectie en in december heeft gerapporteerd. Een aanmerkelijk deel van de personeelsleden voelt zich zelfs niet veilig om hun verhaal voor te leggen aan een vertrouwenspersoon. Er wordt in de busjes van het leerlingenvervoer gerookt; de bussen zitten zo vol dat kinderen los op de grond moeten zitten.

Het schoolbestuur Vahon erkent deze problemen en zegt maatregelen te hebben genomen. Maar volgens de Inspectie is tijdens het onderzoek niet gebleken dat die al effect hebben. De enquête die de school heeft gehouden en waaruit verbeteringen zouden blijken, valt volgens de Inspectie buiten de orde: hij is gehouden onder leerlingen, heeft dus geen betrekking op personeel, is gehouden na afsluiting van het onderzoek en laat volgens de Inspectie ook geen verbeteringen zien. Volgens de Inspectie lopen de kinderen grote risico's als er een ongeluk gebeurt. Die situatie is zelfs nog eind maart aangetroffen.

3. Bestuurlijk en financieel ondermaats

Bestuurlijk en financieel handelen zijn beneden de maat. In de jaren 2016, 2017 en 2018 is door een aparte stichting busvervoer voor leerlingen uitgevoerd zonder enige verantwoording.

Volgens de Inspectie heeft de school 40.000 euro besteed aan leerlingenvervoer met eigen busjes. Dat geld is niet terechtgekomen bij het eigenlijke doel: onderwijs voor kinderen. De school houdt het op 30.000 euro. De Inspectie zegt dat de praktijken voortduren en haalt een voorbeeld aan van een factuur van honderd euro voor busvervoer 'over een loopafstand van vijf minuten'. Die factuur is getekend door de huidige intermim-directeur Edu Dumasy.

4. Onvoldoende verantwoording over vervoer

De aparte stichting die het leerlingenvervoer regelt en daarvoor wordt betaald, legt daarvoor geen of onvoldoende verantwoording af. De financiële stromen zijn onduidelijk en worden niet correct geboekt. Contracten worden getekend door een persoon van buiten die geen enkele formele bevoegdheid heeft.

Volgens de school staat dit punt niet ter discussie, tot een zeker bedrag. Ook de nieuwe financiële man van de school vindt dat dit moet veranderen. De Inspectie vraagt zich af of er wel genoeg geld overblijft om te besteden aan de inrichting van de school vanwege de 'armoedige indruk' die de school op de inspecteurs maakt.

De Raad van Toezicht heeft het oude bestuur in februari verzocht op te stappen vanwege de fouten in het verleden.

Reactie school: 'Inmiddels allemaal veranderd', maar Inspectie ziet het niet

De voorzitter van de Raad van Toezicht Anna Maria Andriol: 'Ik herken een aantal dingen. We hadden misschien sterker moeten ingrijpen, maar ik bestrijd dat we niets hebben gedaan. Ik bestrijd het financiële wanbeheer. Het busvervoer hoort bij ons onderwijs. Dumasy is een beroemd man. Hij is nu al hard op weg om verbeteringen in te voeren.' Dumasy zelf zegt in de rechtbank dat het 'inmiddels allemaal veranderd' is. De inspectie ziet daarvan echter geen bewijs.

De advocaat van de school houdt de rechter voor dat de Inspectie 'toeschrijft naar een doel', en dus een stok heeft gezocht om mee te slaan. Maar de Inspectie zelf houdt vol een 'zorgvuldige procedure' te hebben gevolgd, waarbij de school ruim in de gelegenheid is gesteld om op het rapport te reageren. Die reactie komt ook in het rapport zelf te staan en wordt dus ook gepubliceerd. Volgens de advocaat mag de school het oneens zijn met de conclusies, maar dat maakt het oordeel van de Inspectie nog niet onrechtmatig. Bovendien is de Inspectie wettelijk verplicht de bevindingen openbaar te maken.

LEES OOK:

Meer over dit onderwerp:
HINDOESCHOOL DEN HAAG WANBELEID RAPPORT RECHTSZAAK
Deel dit artikel: