Indisch Museum opent deuren: 'Verzet tegen overheersing'

DEN HAAG - Nationaal Museum Sophiahof in Den Haag gaat donderdag open. Het is een kennis-, cultuur-, ontmoetings- en herinneringscentrum voor iedereen die iets heeft met het voormalige Nederlands-Indië of daar iets over te weten wil komen. Koning Willem-Alexander opent het.

In het museum komt niet alleen de geschiedenis aan de orde, maar ook hoe die historie nog doorleeft in het hedendaagse Nederland, het land van de toenmalige kolonisator.

In 2006 werd het toenmalig Indisch Huis in Den Haag gesloten. Al snel waren er pogingen om te komen tot een nieuw herdenkingscentrum. De 'Indische gemeenschap' is erg divers, mede een nasleep van de verhoudingen in de kolonie. In het nieuwe centrum werken verschillende organisaties samen, met behoud van hun eigen identiteit.

Collectieve Erkenning

Het museum krijgt de komende drie jaar een deel van de jaarlijkse 1,5 miljoen euro uit de subsidieregeling Collectieve Erkenning. Daarmee benadrukt het Rijk de gedeelde geschiedenis van Nederland en Nederlands-Indië.

Vijf organisaties nemen deel: het Indisch Herinneringscentrum, de Stichting Moluks Historisch Museum, het Indisch Platform, de Stichting Pelita en de Stichting Nationale Herdenking 15 Augustus 1945. Dat ze samenwerken, komt vooral door die Collectieve Erkenning, zegt Yvonne van Genugten, directeur van het Indisch Herinneringscentrum.

Onrust

Een beetje onrust is er toch: sommigen wachten nog op uitbetaling van de salarissen van voorvaderen die als militairen vochten voor Nederland en vinden het feestje met de koning niet op zijn plaats.

Het nieuwe museum is gevestigd in de Sophiahof, ooit gebouwd voor Guillaume Baud, die eind 19e eeuw minister van Koloniën was. Het gebouw wordt gehuurd van de Vereniging Nederlandse Gemeenten.

Aziatische wortels

Van Genugten verwacht jaarlijks zo'n 30.000 bezoekers te krijgen. 'Er zijn twee miljoen mensen met een binding met Nederlands-Indië.' Dat loopt volgens haar van mannen die er als militair naartoe werden gestuurd tot jongeren van nu die zich misschien niet meer zo Indisch voelen, maar zich wel bewust zijn of willen worden van hun Aziatische wortels. Maar de Sophiahof is voor een algemeen publiek en wil zich ook richten op onderwijs, speciaal het vak burgerschapskunde.

De eerste expositie in de Sophiahof is 'Vechten voor Vrijheid', over verzet in Nederlands-Indië tegen Japan én Nederland en in Nederland tegen de Duitsers, gepleegd door mensen met een band met Nederlands-Indië. 'Het gaat over verzet tegen overheersing', aldus medesamenstelster Nanneke Wigard, directeur van de Stichting Moluks Historisch Museum. 'Van het verzet in Nederlands-Indië dacht men ten onrechte lang dat het niet veel voorstelde.'

Deel dit artikel: