ANALYSE: Wethouder De Mos zit klem op Haagse Markt

DEN HAAG - Wethouder Richard de Mos (Hart voor Den Haag/Groep de Mos) van Den Haag moet een oplossing vinden voor een probleem, dat hij in de oppositie zelf heeft aangekaart. Zijn partij vroeg in januari 2018 in een motie om een rekenkameronderzoek naar de tarieven van de Haagse Markt. Dit onderzoek kwam er, en vorige week zijn de uitkomsten gepresenteerd. Die liegen er niet om. De marktondernemers stappen met het rapport onder de arm naar de rechter. De 'man van de markt' zit klem in het dossier Haagse Markt.

Waarom wilde Groep de Mos anderhalf jaar geleden een onderzoek naar de markttarieven?
Omdat er al jaren onvrede en discussie is over de tarieven. Die markttarieven heeft de gemeente na de vernieuwing van de Haagse Markt in 2016 verhoogd vanwege de investeringen die hiervoor zijn gedaan. Ook zijn er sindsdien andere kosten in rekening gebracht. Maar volgens de marktondernemers kloppen deze veranderingen niet.

Uit onderzoek dat het college liet uitvoeren, bleek in de zomer van 2017 dat de tarieven wel correct zijn. 'Weliswaar is het tarief dat na de vernieuwing van de Haagse Markt wordt geheven hoger dan voor de vernieuwing, maar na onderzoek blijkt dat deze verhoging mede wordt veroorzaakt door de mate van kostendekkendheid en de nieuwe methodiek van berekening', staat in dat onderzoek.

Toch hield de discussie niet op en dus diende Groep de Mos op 25 januari 2018 een motie in waarin de partij vraagt om een onderzoek van de rekenkamer. De motie kreeg een meerderheid en de rekenkamer ging aan de slag.

Wat ontdekt de rekenkamer?
Dat de marktondernemers het bij het rechte eind hebben. De gemeente heeft sinds de herinrichting te veel kosten in rekening gebracht voor de ondernemers, in totaal maar liefst ruim een half miljoen euro per jaar. Bovendien zijn de tarieven hoger dan met de raad en de ondernemers is afgesproken en brengt de gemeente onterechte kosten in rekening. Het gaat dan om juridische- en handhavingskosten.

De rekenkamer trekt de conclusie dat de gemeente een onjuist uitgangspunt heeft gekozen bij het berekenen van de tarieven. De gemeente en marktondernemers hebben namelijk afgesproken dat het markttarief kostendekkend moet zijn voor de dekking van onder andere het onderhoud en beheer van het marktterrein.

'De gemeente hanteert echter ten onrechte het uitgangspunt dat de afdeling Markten kostendekkend moet zijn', staat in het rapport. Dat betekent dus dat de marktondernemers, meebetalen aan het draaiende houden van de afdeling Markten op het stadhuis. 'En dat is voor een deel terecht maar voor een groot deel niet', zegt rekenkamervoorzitter Watze de Boer tegen Omroep West.

Dat liegt er niet om. Hoe reageren de marktondernemers?
Die zijn opgelucht omdat ze vinden dat ze eindelijk gelijk hebben gekregen. Ze willen het geld dat ze te veel hebben betaald van de gemeente terug.

Dat gaat wethouder Richard de Mos gewoon terugbetalen, toch?
Nou, daar ziet het niet naar uit. In een gesprek met wethouder De Mos hebben de ondernemers te horen gekregen dat het college niet gaat betalen. 'De Mos heeft geen geld om terug te betalen', zegt Leen van Popering van Nieuw Koopmans Belang (NKB), een van de vier verenigingen op de Haagse Markt, tegen Omroep West.

Maar Groep de Mos wilde toch dat de onderste steen boven zou komen? De partij heeft het onderzoek nota bene zelf aangezwengeld.
Dat klopt en dus is nu de opmerkelijke situatie ontstaan dat wethouder De Mos een snoeihard rapport in zijn handen houdt, waar hij zelf om heeft gevraagd. In de oppositie wilde zijn partij met de motie, de kooplieden tegemoet komen. Maar De Mos kan in zijn rol als wethouder de marktondernemers niet terugbetalen en dus zijn ze ontevreden. De marktondernemers willen nu naar de rechter stappen om het geld terug te eisen.

Waarom kan wethouder De Mos niet over de brug komen?
Omdat het geld op het Haagse stadhuis niet tegen de plinten klotst. Integendeel. Door besparingen van het Rijk zijn de tekorten op de jeugdzorg opgelopen en moet het college waarschijnlijk tientallen miljoenen euro’s bezuinigen. Geld vrijmaken voor de compensatie van een groep Haagse marktondernemers, zit er niet in.

Daarnaast zit De Mos aan de collegetafel met VVD-wethouder Boudewijn Revis. Revis is de afgelopen jaren verantwoordelijk geweest voor de vernieuwing van de Haagse Markt en de invoering van de nieuwe markttarieven. En dus verkondigt wethouder De Mos het collegestandpunt dat 'de markttarieven niet te hoog zijn'.

Dus kan hij niets regelen voor de marktondernemers?
Hij is in zijn woorden 'een man van de markt' dus hij gaat zeker niet achterover leunen. Bij zijn aantreden als wethouder heeft hij de markttarieven al niet meer verhoogd. Verder heeft hij dinsdag een brief gestuurd naar alle marktondernemers waarin hij uit de doeken doet wat zijn toekomstplannen zijn.

Zo wil hij om te beginnen starten met een herberekening van de tarieven. Mogelijk worden de tarieven verlaagd. Bovendien gaat hij geld uittrekken voor de promotie van de markt om meer bezoekers te trekken. Hij wil ervoor zorgen dat mensen langer blijven, meer geld uitgeven en terugkomen. 'Zodat u meer gaat verdienen. Daar trekken wij 'geoormerkt geld' voor uit. Zodat de koopman ziet, dat het college meer mensen naar de markt wil trekken', staat in de brief.

Valt dit in goede aarde bij de marktondernemers?
Volgende week gaat wethouder De Mos langs op de Haagse Markt om het gesprek aan te gaan met de ondernemers en dan zal hij zelf ervaren hoe de ondernemers reageren. Maar het lijkt er niet op dat hij met pek en veren van de markt gejaagd wordt. 'We vertrouwen Richard wel, maar het college niet', vat Leen van Popering van NKB de sfeer op markt samen.

LEES OOK: Geen compensatie voor gesloopte viskraam Haagse Markt

Deel dit artikel: