Nieuwe glossy PINDA* toont de schatten van de Indische gemeenschap in Nederland

De cover van de eerste uitgave van PINDA*
De cover van de eerste uitgave van PINDA* © PINDA*
DEN HAAG - Als je na donderdag een glossy in de winkel ziet liggen met de naam PINDA*: het is geen tikfout van de LINDA., maar een gids voor iedereen die nieuwsgierig is naar het verhaal over het voormalig Nederlands-Indië. Gemaakt om te laten zien wat mensen van Indische komaf hebben betekend voor de Nederlandse samenleving.
Dit jaar is het 70 jaar geleden dat Indonesië, na drie eeuwen koloniale overheersing, onafhankelijk werd van Nederland. Na de soevereiniteitsoverdracht kwamen meer dan 350.000 mensen naar Nederland. Volgens cijfers van het CBS vormen deze mensen nog altijd de grootste groep naoorlogse nieuwkomers uit hetzelfde land van herkomst. Dat zij nauwelijks genoemd worden in het huidige publieke debat over de multiculturele samenleving, zou komen omdat ze zich geruisloos zouden hebben aangepast. Het voorbeeld van een geslaagde assimilatie.
De makers van PINDA* zijn het hier maar gedeeltelijk mee eens. 'De stille aanpassing vereiste veel incasseringsvermogen en veerkracht bij de nieuwkomers', vertelt eindredacteur Simon Jacobus. 'Maar door te spreken van een geruisloze aanpassing bestaat wel het gevaar dat de bijdrage van de Indische Nederlanders aan de Nederlandse samenleving wordt vergeten.'

Verborgen schatten

PINDA* wil daarom de schatten laten zien die liggen verborgen in de Indische gemeenschap. 'Er zijn meer schrijvers, wetenschappers, politici, artiesten, toneelspelers, theatermakers, filmers, modeontwerpers en sporters van Indische komaf dan we beseffen', aldus Jacobus.
In de glossy komen mensen aan het woord die zelf banden hebben met voormalig Nederlands-Indie¨ en Indonesie¨. Zo zijn er verhalen van en over de schrijvers Adriaan van Dis en Alfred Birney, politica Mei Li Vos, opiniemaker Theodor Holman en regisseur Tim Oliehoek.

Scheldwoord

De term 'pinda' werd vroeger ook gebruikt als scheldwoord voor mensen van Indische komaf. Hierover zegt Jacobsen: 'Wij gebruiken het vooral als geuzennaam en zien het ook wel als een symbool voor iets dat bereikt is. Er zijn zo veel mensen naar Nederland gekomen die hun erfgoed hebben meegenomen. Wij willen daar vooral de mooie kanten van laten zien.'
Buiten de naam, lijkt ook de vormgeving van PINDA* erg op LINDA., maar bang voor een claim wegens plagiaat is Jacobsen niet. 'We hebben dit met hen overlegd. We zijn erg door ze geïnspireerd, ook door hoe zij serieuze verhalen en beeldreportages brengen.' Of PINDA* vaker uitkomt is nog niet bekend, maar van een eenmalige uitgave wil Jacobsen in ieder geval niet spreken: 'Zeg nooit nooit. Als iedereen naar de winkel rent om PINDA* te kopen, is de kans groot dat we er nog een maken.'