ANALYSE: Nieuwe Haagse coalitie heeft heel wat te bewijzen

DEN HAAG - Het waren 'bijzondere omstandigheden' waaronder de vijf partijen die vanaf volgende week Den Haag gaan regeren een akkoord moesten sluiten. In de politiek gaan de dingen vaak snel, dus zo gek was het niet dat formateur Tom de Bruijn daar maandagmiddag in de Haagse Sportcampus aan herinnerde.

Op 1 oktober van dit jaar maakte het Openbaar Ministerie (OM) bekend dat er een onderzoek was gestart naar de Haagse wethouders Richard de Mos en Rachid Guernaoui van Hart voor Den Haag/Groep de Mos. Ze worden verdacht van ambtelijke corruptie, omkoping en schending van het ambtsgeheim. Hoewel zij zelf ontkenden, was het reden voor de rest van het college om hen te vragen tijdelijk hun functies neer te leggen; later gevolgd door een aangenomen motie van wantrouwen tegen hen – waarmee de grootste partij van Den Haag feitelijk politiek buitenspel werd gezet.

Een paar dagen na de inval van de Rijksrecherche in de werkkamers van de wethouders in het stadhuis én bij hen thuis, maakte burgemeester Pauline Krikke bekend per direct op te stappen. Dit na een vernietigend rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid over de rol van de gemeente bij de vreugdevuren in Duindorp en op Scheveningen.

Bestuurlijke puinhopen

Volgens de partijen die overeind bleven in deze bestuurlijke puinhopen was het noodzakelijk dat een stadsbestuur aantrad dat kan rekenen op een meerderheid in de gemeenteraad, stabiel is en geen al te grote koerswijzigingen inzet. Dus gingen de onderhandelaars van VVD, D66 en GroenLinks onder leiding van oud-wethouder Tom de Bruijn om tafel met die van CDA en PvdA. Iets meer dan twee maanden na die rampweek voor de Haagse lokale politiek lag er maandag het coalitieakkoord 'Samen voor de stad'.

Het college van Groep de Mos, VVD, D66 en GroenLinks waarvan daarmee afscheid wordt genomen, was een afspiegelingscollege. Daarmee werd volgens VVD-coryfee Hans Wiegel – die na de verkiezingen van 2018 aantrad als verkenner – recht gedaan aan de stembusuitslag. Het was een afspiegeling van de toen geldende verhoudingen in de gemeenteraad: een groot populistisch/rechts blok aan de ene kant en een flink progressief/links blok aan de andere, gestold in één stadsbestuur. Een college ook zonder PvdA, de partij die sinds de Tweede Wereldoorlog mede Den Haag bestuurde.

Uit nood geboren

Het stadsbestuur dat volgende week donderdag officieel aan de slag gaat, is uit nood geboren. En ondanks de meerderheid in de gemeenteraad, is de democratische legitimatie ook niet al te groot. Van de vijf partijen die eraan deelnemen zijn er drie die bij de vorige verkiezingen stemmen verloren: PvdA, D66 en CDA. Van de acht wethouders die dan (opnieuw) aan de slag gaan, stonden er maar liefst vier niet op een kieslijst van hun partij en één (Saskia Bruines, D66) op een onverkiesbare plek. Niemand die dus een stem op een van hen heeft uitgebracht.

De nieuwe coalitie wordt door omstandigheden gedwongen om samen te werken.

Het zijn ook partijen die door de omstandigheden worden gedwongen om met elkaar samen te werken. Het enthousiasme spat er niet echt vanaf – iets wat al lichtelijk doorschemerde tijdens de presentatie toen de partijen openlijk uitspraken dat ze het bijvoorbeeld niet eens zijn over de uitleg van hoeveel bezuinigingen op de WMO en jeugdzorg precies worden teruggedraaid.

Onverminderd populair

Staat tegenover dat Hart voor Den Haag/Groep de Mos inmiddels flink is geworteld in de Haagse wijken. De politici lijken onverminderd populair bij de achterban. Vergelijkbare affaires, zoals die rond voormalig VVD’er Jos van Rey in Limburg (een zaak die pas vijf jaar na een inval van justitie tot een definitieve veroordeling leidde) tonen aan dat de kiezer bereid is te vergeven. Van Rey werd ondanks die onderzoeken wegens vermoedens van witwassen en corruptie gekozen in de gemeenteraad van Roermond en Staten van Limburg. Maar ook in de Haagse raad zelf is natuurlijk een voorbeeld te vinden van het feit dat een botsing met justitie niet het einde van een politieke carrière hoeft te betekenen. Arnoud van Doorn werd in 2002 veroordeeld voor het lekken van geheime stukken, het verkopen van drugs aan minderjarigen en het bezit van een verboden alarmpistool. Maar Van Doorn zit ook nog gewoon in de gemeenteraad voor de Partij van de Eenheid.

Vanuit de oppositie is het voor Hart voor Den Haag straks redelijk makkelijk schieten op deze coalitie. Die partij heeft het ook een bewuste karaktermoord, een doelbewuste actie van de 'gevestigde orde', een veroordeling zonder dat de rechter eraan te pas kwam genoemd. Allemaal termen die in het huidige tijdsgewricht bij sommige mensen goed doen. De ambities zijn dan ook niet mals. De Mos heeft de website 'zetonsop23.nl' al in gebruik. Met 23 zetels in de raad zou hij geen andere partijen meer nodig hebben om de stad te regeren. 'We hebben ons ten doel gesteld om bij de volgende verkiezingen in maart 2022 opnieuw dé grootste partij van Den Haag te worden, zodat de gevestigde orde niet om ons heen kan. Er samen voor te zorgen dat er eindelijk eens geluisterd wordt naar u: de inwoner van de mooiste stad van Nederland', stelt de voorman daar zelf.

Forse opdracht

Het nieuwe stadsbestuur wacht dus een forse opdracht. Het vertrouwen in de politiek kreeg een flinke deuk door de affaire rond Groep de Mos en het aftreden van Krikke. Dat moet worden herwonnen en wel door een bestuur dat in de stad niet op al te veel draagvlak kan rekenen. Het voorwoord van het nieuwe coalitieakkoord leest bijna als een gedicht. 'Met dit akkoord willen de vijf coalitiepartijen recht doen aan al die mensen in Den Haag. Met dit akkoord willen we de grote uitdagingen aan gaan en de kansen pakken. Met oog en respect voor elkaar en samen met elkaar.'

Met nog 2,5 jaar te gaan voor er nieuwe verkiezingen zijn, valt er voor VVD, D66, GroenLinks CDA en PvdA heel wat te bewijzen.

LEES OOK: RECONSTRUCTIE: Corruptie-onderzoek en een vernietigend rapport, de bizarre week in het IJspaleis

Meer over dit onderwerp:
COALITIECRISIS DEN HAAG NIEUWE WETHOUDERS
Deel dit artikel: