Beveiliger bedreigd met schroevendraaier: 'Ik was bang voor hem'

DEN HAAG - Denzel is een imposante verschijning. Hij is breed en zeker één meter negentig lang. Volgens zijn paspoort is hij 19 jaar oud maar in zijn hoofd is Denzel niet volwassen. Hij is zwakbegaafd en heeft psychische problemen. Hij moet terecht staan omdat hij een beveiliger van de HTM zou hebben bedreigd met een schroevendraaier.

Het voorval vindt plaats bij tramhalte Haagse Markt. Daar stappen een vrouw en haar dochter in, gevolgd door Denzel. De vrouw en dochter melden bij de beveiliger dat Denzel hen lastigvalt. Als de beveiliger Denzel daar op aanspreekt zou hij gezegd hebben: 'Ik mag versieren wie ik wil, bemoei je er niet mee'.

Het gesprek tussen Denzel en de beveiliger escaleert. Als blijkt dat Denzel ook geen kaartje heeft moet hij bij de volgende halte uitstappen. Als Denzel eenmaal buiten de tram geduwd is, probeert de bestuurder snel de deuren te sluiten. Denzel staat dan inmiddels te zwaaien met een schroevendraaier en schreeuwt: 'Ik maak je dood'.

'Angst'

De beveiliger heeft na de bedreiging even thuisgezeten, maar inmiddels gaat het goed met hem en is hij weer aan het werk. Als Denzel hoort dat de man bang was, zegt hij: 'Ik was ook bang voor hem. Ik pakte de schroevendraaier om hem bang te maken'. Hij vindt dat de beveiliger stoer deed. 'Iedereen is gelijk', zegt Denzel. 'Nee', legt de rechter hem uit. 'Als u in de tram bent is hij hoger en hier in de rechtszaal ben ik hoger'. Denzel mompelt: 'Ja, ja'.

Als de feiten behandeld zijn, wil de rechter de persoonlijke omstandigheden achter gesloten deuren bespreken. Ze vindt dat de privacy van de 'kwetsbare verdachte' Denzel zwaarder weegt dan de openbaarheid van de zitting. Na een klein kwartier gaan de deuren weer open en begint de officier van justitie aan zijn verhaal.

Duidelijk

In hele duidelijke zinnen en met zo min mogelijk juridische taal legt de officier uit hoe het slachtoffer de zaak heeft beleefd. 'U heeft daar een hele andere beleving van', zegt hij tegen Denzel. Die kan maar moeilijk zijn mond houden, terwijl de officier praat. De rechter moet zo nu en dan eisen dat hij luistert. De officier vindt dat de conducteur niet kon weten wat er met Denzel allemaal aan de hand is. 'Dat wordt ook niet van hem verwacht.'

Dan de strafeis: 'Bij gezonde mensen zou ik vragen om drie maanden cel', zegt de officier. 'Maar u moet inzien dat u medicijnen, begeleiding en duidelijke kaders nodig heeft.' De officier vraagt daarom een pakket aan verplichte maatregelen: meldplicht, behandeling, medicijnen, begeleid wonen, drugstesten en een dagbesteding. Houdt Denzel zich daar niet aan dan moet hij twee maanden naar een jeugdinstelling. Daarnaast wil de officier ook een werkstraf van 60 uur.

Het wordt te veel

'Moet ik ook nog die werkstraf gaan doen?, vraagt Denzel. 'Ik vind dat allemaal een beetje veel eisen om aan te voldoen.' Alle prikkels van de zitting lijken Denzel inmiddels allemaal teveel te worden. Hij wordt een beetje opstandig. Als zijn advocaat aan het woord is, wordt Denzel boos als het over zijn verplichte behandeling gaat. 'Ik ga liever naar de bajes, daar is tenminste genoeg hasj!'

Net als bij iedere zaak krijgt de verdachte het laatste woord. Denzel vertelt dat hij een paar dagen na het incident de beveiliger weer tegenkomt. 'Hij liep te lachen. Hij was helemaal niet bang. Weet u hoe je zo iemand noemt? Een jokkebrok, een jokkebrok.'

Uitspraak

Net zo duidelijk als de officier begint de rechter aan haar uitspraak: 'U was dan misschien wel bang maar u heeft iets heel verkeerd gedaan. En u ziet onvoldoende in wat u verkeerd heeft gedaan.' Ze veroordeelt Denzel voor een bedreiging. 'Stopt u nu om er doorheen te praten', bijt de rechter Denzel nog een keer toe. Die buigt zijn hoofd en is stil, maar niet voor lang.

Als ze Denzel naast het pakket aan verplichte maatregelen ook nog 30 uur werkstraf krijgt, zegt hij: 'Dat is redelijk'. De rechter reageert gelijk: 'Niet er doorheen praten'. Ze besluit haar uitspraak: 'Ik vind dat ik een goede uitspraak heb gedaan'. Denzel is het daar niet mee eens: 'Ik niet, maar dat is mijn mening'.

In het kader van de privacy zijn de namen gefingeerd.

Dit is een artikel in de reeks 'Bij de politierechter'. Meer verhalen lezen?

Meer over dit onderwerp:
BIJ DE POLITIERECHTER
Deel dit artikel: