Besmet met corona, dochter op IC én lang eruit: het bewogen jaar van Elia

DEN HAAG - Hij wilde het team naar een hoger niveau tillen. Met FC Utrecht richting de topvier van Nederland gaan. Maar al in april kan geconcludeerd worden dat de missie van Eljero Elia in de Domstad nog niet behaald is. Een tegenvaller? 'Jazeker. Maar het is geen verloren seizoen', zegt de Hagenaar. 'Elk jaar leer je, heb je ups and downs en word je als mens weer wijzer. Ik weet steeds beter hoe je jonge jongens moet begeleiden en ik leer nog meer over het teamverband. Eigenlijk leer ik onwijs veel', zegt hij tegen de NOS.

Je zou het hem niet geven, maar de snelle dribbelaar tikt inmiddels al de leeftijd van 34 jaar aan. Elia is een routinier dus. Maar wel eentje met de bravoure van een talent. Eigenlijk is hij vanaf zijn eredivisiedebuut als 17-jarige bij ADO Den Haag in 2004 niet veel veranderd wat dat betreft.

De helft van zijn leven is Elia dus al prof op het hoogste niveau. Hij voetbalde voor de grootste clubs - denk aan Juventus, Werder Bremen en Feyenoord -, werd kampioen in Nederland, Italië en Turkije en speelde dertig keer voor het Nederlands elftal.

Ambitie bij Elia én FC Utrecht

Afgelopen zomer wilde hij na een succesvol avontuur bij Istanbul Basaksehir terug naar Nederland. Elia zag het niet zitten om met zijn oude club ADO Den Haag te vechten tegen degradatie. Of om bij FC Twente af te moeten wachten hoe sterk een selectie vol huurlingen zou zijn. De deal met het ambitieuze Utrecht leek dan ook een logische. Elia is immers een speler die gewend is om in de top te spelen, bij een club die steeds vaker tegen de top aan wil schuren. En dat is FC Utrecht, zeker in dit jubileumjaar.

Het is het jaar van de inmiddels beroemde uitspraak van grootaandeelhouder Frans van Seumeren. Voor wie 'm gemist heeft: Van Seumeren wilde dit jaar met zijn club de topdrie aanvallen. Die zo benadrukte ambitie blijft Utrecht achtervolgen. Zeker toen het begin dit seizoen slecht ging. Met voor Utrecht nog zeven duels te gaan, zit een hoge klassering er niet meer in. Het elftal staat op een teleurstellende zevende plaats. De inbreng van Elia is tot op heden ook teleurstellend. Zes keer stond hij in de eredivisie in de basis, acht keer viel hij in en elf keer ontbrak hij vanwege een blessure.

Dochtertje op de IC

Sowieso begon het seizoen voor hem al niet lekker. De boosdoener? Het coronavirus. 'Ik was net fit en toen kreeg ik het. Het sloeg op mijn longen en ik was daardoor weer helemaal terug bij af', blikt Elia terug. Niet veel later raakte ook zijn dochtertje van zes besmet. Zij belandde zelfs in het ziekenhuis. Meteen na de thuiswedstrijd tegen RKC (3-1 winst), waarbij de aanvaller inviel, kreeg Elia te horen dat ze op de intensive care lag.

'Dat was heel eng. Het was op het randje', vertelt Elia. 'Gelukkig gaat het nu weer goed met haar. Het was een zware tijd en dat heeft mijn prestaties op het veld in het begin ook wel beïnvloed. Maar vanaf dat het beter met haar ging, niet meer.'

'Klaar om te vlammen'

Vervolgens vertrok John van den Brom halsoverkop, de trainer die Elia naar Utrecht had gehaald. 'Tsja. In de voetballerij denkt iedereen alleen maar aan zichzelf. Dat was niet leuk, maar ik heb niet voor de trainer, maar voor de club getekend en moet hier gewoon mijn werk doen.' Dat is allemaal geweest. Elia leeft niet in het verleden, want daar heeft hij naar eigen zeggen niets aan. Nu is de buitenspeler weer fit en 'klaar om te vlammen'. Hij wil helpen Utrecht Europees voetbal te bezorgen.

Meer over dit onderwerp:
ELJERO ELIA VOETBAL
Deel dit artikel: