Instellingen

Binnen kijken: eerste Nederlandse gebouw dat voldoet aan klimaatdoelstelling Parijs staat in Leiden

Gebouw BioPartner 5
© BioPartner
De balie in de kantine is gemaakt van oude eikenhouden kasten
© René de Wit
Alles in de kantine is al eens een keer gebruikt
© René de Wit
De ingang van BioPartner5 is een kas
© René de Wit
De binnentuin wordt nat gehouden met regenwater
© René de Wit
Het pand is voor het grootste deel gebouwd met gebruikte materialen
© René de Wit

LEIDEN - Het eerste gebouw in Nederland dat helemaal voldoet aan de klimaateisen van het akkoord van Parijs staat in Leiden. Het nieuwe labatoriumgebouw op bedrijventerrein Bio Science Park moet onderdak bieden aan diverse start-ups en er worden laboratoria beschikbaar gesteld voor wetenschappers. Het geldt daarmee als een duurzame ontmoetingsplek op de campus. Omroep West mocht alvast even binnen kijken in het high-tech BioPartner 5.

Vanaf de buitenkant oogt het gebouw niet gelijk klimaatneutraal. Behalve de zonnepanelen op het dak, valt het gebouw niet te onderscheiden van andere panden op het bedrijventerrein. Toch bestaat de constructie van BioPartner 5 uit stalen materialen van het inmiddels gesloopte Gorlaeus Lab van de Universiteit Leiden en is het één van de kenmerkende onderdelen van de duurzame bouw. Zo moest Popma ter Steege Architecten (PTSA) zich aan een CO2-budget houden en dat is nog niet zo makkelijk.

CO2 bouwen houdt in dat transport, materialen en energiegebruik maar een beperkte uitstoot mogen hebben. Een gemiddeld bedrijfspand stoot 500 kilo CO2 per vierkante meter uit. BioPartner 5 zit daar ruim onder en stoot 'maar' de helft uit: 250 kilo CO2. Het adviesbureau voor duurzaam bouwen NIBE heeft daarom het stempel 'Paris Proof' gegeven. 'Het gebouw heeft daarmee een voorbeeldfunctie voor de rest van Nederland', vindt de directeur van BioPartner, Thijs de Kleer.

Circulair bouwen

Naast de hergebruikte pilaren, kent het interieur van het gebouw ook tweedehands materialen. 'Alles wat je hier ziet is circulair', vertelt De Kleer. Zo bestaat het baliemeubel in de kantine uit oude eikenhouten kasten die decennia geleden in menig interieur te vinden waren. Ook hebben oude Perzische tapijten een tweede leven gekregen en is ook een afgekeurde partij tegelvloerbedekking hergebruikt. Daarnaast zijn de stalen plantenbakken op het terrein gevuld met steensoorten die weer fungeren als schuilplaats voor dieren en wordt op het dak overtollig regenwater opgevangen.

Kortom, biodiversiteit staat centraal in BioPartner 5. Dat heeft er ook voor gezorgd dat de architecten concessies moesten doen en er geen ruimte was om alles mooi aan te kleden. Ook bepaalde verwachtingen van een high-techgebouw moesten worden getemperd. Dat laatste was ook niet de insteek van de ontwerpers. Ze wilden vooral laten zien dat het heel goed mogelijk is om duurzaam te bouwen en dat is volgens hen ten zeerste geslaagd.

Uitdagingen

Toch ging niet alles van een leien dakje, zo laat De Kleer weten. 'Vooral het samenbrengen van oude hergebruikte materialen met hoogwaardige high-tech laboratoria was een behoorlijke uitdaging. Maar het is uiteindelijk toch gelukt! We willen met de komst van dit gebouw laten zien dat het wel degelijk mogelijk is om dit te realiseren.'

Ondanks de mooie toekomstvisie, heeft de directeur van BioPartner nog zo zijn twijfels of andere duurzame gebouwen snel zullen volgen. 'De maatschappij is nog steeds ontzettend georiënteerd op geld', legt hij uit. Daarnaast is het volgens hem ontzettend ingewikkeld en heb je een goed team en veel passie nodig om dit te kunnen realiseren. Of dit de toekomst van de bouw is? Dat durft De Kleer niet te zeggen. 'Maar ik hoop het van harte!'