Deed moordverdachte Boris S. zich voor als zijn ex? Taalonderzoek moet uitsluitsel geven

De overleden Gita werd gevonden in haar huis in de Haagse Wognumstraat
De overleden Gita werd gevonden in haar huis in de Haagse Wognumstraat © Regio15
DEN HAAG - Heeft moordverdachte Boris S. wel of geen berichten verstuurd met de telefoon van zijn overleden ex-vriendin Gita? Die vraag probeert het Openbaar Ministerie (OM) beantwoord te krijgen in de strafzaak tegen de 27-jarige man. De verdachte zou, volgens de officier van justitie, berichten met het mobieltje van zijn ex hebben verstuurd terwijl ze al was overleden, waardoor het leek dat de vrouw nog leefde. S. wordt ervan verdacht Gita te hebben vermoord door haar te wurgen.
De 35-jarige Gita werd op 9 oktober vorig jaar door haar familie als vermist opgegeven bij de politie. Ruim twee weken later, op 24 oktober, werd haar lichaam gevonden in haar huis aan de Wognumstraat in Den Haag, onder een stapel spullen. De politie was daar al twee keer eerder geweest, maar Gita werd toen niet gevonden. In de tussentijd verbleef ex-vriend Boris mogelijk wekenlang in haar huis terwijl het slachtoffer dood onder de bank lag, vermoedt het OM. In de tussentijd zou de man berichtjes uit naam van de vrouw hebben gestuurd.
De rechter gaf eerder een taalexpert de opdracht om de berichten op de telefoon van Gita te onderzoeken. Deze deskundige moest vaststellen of de berichten, die in de periode dat de vrouw vermist was, afkomstig konden zijn van de verdachte. Dat onderzoek gebeurde onder meer door het woordgebruik te analyseren.

Taalonderzoek niet verlengd

Maar het OM was niet tevreden over het werk van deze expert en dus werd tijdens de vorige pro forma-zitting een tweede taalwetenschapper gevraagd een contra-expertise te doen. De officier van justitie vroeg maandag of dit onderzoek voortgezet kon worden, om nog meer berichten uit te pluizen, maar dat vond de rechtbank niet nodig.
De advocaten van Boris S. zeggen dat de analyses van de deskundigen niet aantonen dat berichten op de telefoon van Gita door hun cliënt zijn geschreven. En dat zou, zo zeggen ze, het OM slecht uitkomen. 'Het resultaat van de onderzoeken is het Openbaar Ministerie onwelgevallig', zei een van de advocaten maandagochtend.

'Boris S. kan Gita niet gedood hebben'

Volgens de verdediging valt te betwijfelen of het lichaam van Gita wel in het huis was toen de politie er de eerste twee keren was en agenten haar niet vonden. In het scenario van de advocaten moet het lichaam van de vrouw ergens tussen 22 en 24 oktober vorig jaar in de woning zijn neergelegd. S. werd op dat moment al door de politie in de gaten gehouden, dus hij zou Gita dan niet gedood kunnen hebben.
Over drie maanden is er opnieuw een zitting in de Haagse rechtbank, maar ook dan wordt de zaak nog niet inhoudelijk behandeld. Intussen heeft Boris S. meegewerkt aan een psychiatrisch onderzoek in het Pieter Baan Centrum.