Nieuws

Duitse adelaar, Hollandse leeuw en wereldtentoonstelling: het verhaal achter de Binnenhoffontein

DEN HAAG - De renovatie van het Binnenhof vindt vooral plaats achter hekwerk, manshoge schotten en veiligheidslint. Soms kun je een glimp opvangen van de herstelwerkzaamheden, zoals afgelopen week toen de Binnenhoffontein werd ontmanteld. Een monument dat al bijna honderdveertig jaar onderdeel is van het bestuurlijk hart van Nederland. Ook een kunstwerk met een geschiedenis die teruggaat tot het midden van de dertiende eeuw.
Bovenop de fontein staat een statige man met een mantel en een kroon. In zijn handen heeft hij zowel een zwaard als een scepter. Het is graaf Willem II (1227-1256) die de piek vormt van het rijksmonument. Als je op een zonnige dag over het Binnenhof loopt, is het soms moeilijk om het beeld bovenop de fontein in volle glorie te zien. De gouden gloed die terugkomt van het vergulde sculptuur kan weerkaatsen in de ogen. De zon beneemt bij dagjesmensen soms het zicht op het door Duitser Ludwig Jünger ontworpen beeld dat met de rug naar de Ridderzaal staat. De Ridderzaal is de reden dat graaf Willem op het Binnenhof te zien is, hij gaf de opdracht voor de bouw ervan.
Maar naast de beeltenis van de graaf is er meer te zien op de fontein. Onder de voeten van Willem II begint het hekwerk dat is ingelegd met bloemen, spuwers, helmen en wapenschilden. Vooral de heraldiek op de schilden laat zien hoe belangrijk de graaf bij leven was. Naast de rode leeuw van het huis Holland, waar hij uit afkomstig was, is ook de Duitse adelaar afgebeeld. Op de Ridderzaal zijn de twee dieren ook te zien.

Ruïne op begraafplaats Oud Eik en Duinen

De leeuw van huis Holland regeerde al meer dan twee eeuwen over Holland, toen graaf Floris IV rond 1230 het Binnenhof kocht. Bij een riddertoernooi vier jaar later vond hij de dood en ging de grond naar zijn toen zevenjarige zoon Willem. Hoewel hij de kleutertijd net ontgroeid was, werd hij al graaf Willem II genoemd. Regeren ging natuurlijk niet op zo'n jonge leeftijd dus zijn ooms namen de honneurs waar.
De Hollandse leeuw en Duitse adelaar op de Binnenhoffontein
De Hollandse leeuw en Duitse adelaar op de Binnenhoffontein © Omroep West
Een van de eerste dingen die Willem deed toen hij oud genoeg was om de touwtjes in handen te nemen, was het stichten van een kapel ter ere van zijn vader in het dorpje Eikenduinen. De restanten van het bouwwerk zijn nog steeds te zien. Den Haag heeft in de loop der tijd het plaatsje opgeslokt en op begraafplaats Oud Eik en Duinen zijn de restanten van de kapel die in dienst stond van Floris IV nog te zien.

Lappendeken aan staatjes

Het stichtten van religieuze oorden deed Willem niet zomaar. Hij kweekte er aanzien mee bij de geestelijke leiders uit zijn tijd. Waardering die hij later zou gebruiken en uiteindelijk omzette in een kroon. Graafschap Holland, waar Willem over heerste, was onderdeel van het Heilig Roomse Rijk, een lappendeken aan staatjes dat liep van het huidige Friesland tot aan Italië. In dat gebied lagen graafschappen, hertogdommen, of bisdommen die allemaal vielen onder één koning, die werd gekozen uit een van de vele vorsten.
Rond 1245 was er heel wat militair en politiek gekonkel tussen de toenmalig heerser over het Roomse Rijk, Frederik II van Hohenstaufen en de paus. De kerkelijk leider wilde tegenwicht bieden aan Frederik en zocht daarom zelf een koning die kon heersen over het Heilig Roomse Rijk. Weinig machthebbers hadden zin in die taak, die bijna gelijk stond aan oorlogvoeren tegen een van de machtigste mannen uit die tijd. Daarom werd een jonge 20-jarige graaf uit Den Haag naar voren geschoven: Willem II.

Kroning tot koning

Hoewel hij uit het armlastige Holland kwam, was hij uit het goede godsdienstige hout gesneden. Daarnaast had hij ook familiaire connecties met andere territoriale gebieden binnen het rijk. Bovendien werd hij ook nog eens gesteund door de rijke Paus. Reden genoeg om hem op 3 oktober 1247 in een weiland vlakbij Keulen tot koning te kronen. Dit is terug te zien op de fontein. Ter nagedachtenis van Willem II Roomsch Koning en Graaf van Holland, is er te lezen aan de rand van het bassin.
De Ruïne van Oud Eik en Duinen
De Ruïne van Oud Eik en Duinen © Omroep West
In de jaren na zijn kroning kreeg Willem door oorlogvoeren en diplomatiek van steeds meer staatjes steun. Toen in 1254 de strijd tussen de familie Van Hohenstaufen en de paus uiteindelijk werd beslecht, werd de jonge Hagenaar dan ook door een groot gedeelte van de despoten als Duits koning gezien. Zodoende kon hij ook de beeltenis van de Duitse adelaar, die bij zijn positie hoorde, in vol ornaat als wapen dragen.

Dood in de kop van Noord-Holland

Slechts een kleine twee jaar kon WiIllem uiteindelijk genieten van de macht en roem. Niet de oorlog in het verre oosten of zuiden werden hem fataal. Tijdens een veldtocht tegen de West-Friezen in januari 1256 zakte hij door het ijs, waarna hij op 28-jarige leeftijd door de plaatselijke opstandelingen bij het plaatsje Hoogwoud, in de buurt van Alkmaar, werd gedood.
Zijn mythe was echter geboren. Verhalen over een jonge graaf uit Holland die uitgroeide tot een vorst met wereldmacht deden het in het 19e eeuwse Nederland goed. Er kwam steeds meer belangstelling voor heroïsche vaderlandse geschiedenis en die uitte zich op meerdere vlakken. Natuurlijk in de literatuur en het onderwijs, maar ook in de buitenkunst. Standbeelden werden opgericht om helden uit een vervlogen verleden te eren. Niet vreemd dat daarom op de wereldtentoonstelling van 1883 in Amsterdam werd gekozen voor een beeltenis ter ere van graaf Willem II.

Stichter der kastelen in 's-Gravenhage en Haarlem

Op het tegenwoordige museumplein was er ruimte voor de exhibitie. Het Rijksmuseum, naar ontwerp van Pierre Cuypers, was in aanbouw en de architect maakte ook de schetsen voor de fontein. In september 1883 werd het kunstwerk onthuld. Naast de eerdergenoemde zinsnede, over de graaf van Holland en Roomsch keizer, waren ook zijn geboorte en sterfjaar en een bijbeltekst te lezen aan de ronde rand van het kunstwerk. Alsmede de zinssnede: Begunstiger der stedelijke vrijheden, beschermer der kunst, stichter der kastelen in 's-Gravenhage en Haarlem. Al met al een pompeus eerbetoon aan de man die de eerste stappen zette om van Den Haag een politiek machtscentrum te maken.
De Binnenhoffontein in de sneeuw
De Binnenhoffontein in de sneeuw © Omroep West
Maar nu de stap van Amsterdam naar Den Haag. Initiatiefnemer voor de hele fonteinexpeditie was de, in Den Haag woonachtige, Limburgse weldoener Victor de Stuers. Tegenwoordig wordt hij gezien als de grondlegger van de Nederlandse monumentenzorg, maar 140 jaar geleden moest hij uit eigen zak de florijnen op tafel leggen. Ook werd er een gedeelte van de kosten voor de fontein restant betaald uit de buidel van tachtig Hagenaars.

1175 gulden voor de waterleiding

Er werden wel drie eisen op tafel gelegd voordat ze met het geld over de brug kwamen. De spuitende hommage aan Willem II moest uiteindelijk op het Binnenhof komen te staan en de Rijksoverheid zou moeten lappen voor de kosten van de waterleidingen, wat in totaal 1175 gulden kostte. Daarnaast mocht de minister bepalen hoe vaak er water uit de monden van de spuwers kwam, al moest dat minstens één keer per jaar zijn.
Zo geschiedde, in september 1885 werd de springbron geopenbaard op het Binnenhof. Waar hij 137 jaar later voor een paar jaar is weggehaald.