Jans oma overleefde Haagse Hongerwinter: 'Ze fietste naar Friesland om eten te halen'

Vanwege de brandstofnood in de Hongerwinter zijn de Scheveningse Bosjes in 1945 vrijwel geheel gekapt
Vanwege de brandstofnood in de Hongerwinter zijn de Scheveningse Bosjes in 1945 vrijwel geheel gekapt © ANP
DEN HAAG - Het leven in Den Haag tijdens de Hongerwinter, in de laatste maanden van de Tweede Wereldoorlog. Dat heeft Hagenaar en journalist Jan Hillenius vastgelegd in zijn boek 'Houd je maar flink'. Het is gebaseerd op ervaringen van zijn oma en op brieven die zijn moeder schreef vanuit Friesland, waar ze tijdens de Hongerwinter op de fiets naartoe was gebracht.
Een persoonlijk verhaal, vertelt Hillenius in het programma Menno in de Middag op Radio West. 'Mijn opa en oma woonden aan de Rozenstraat in Den Haag. In die laatste maanden van de oorlog was er simpelweg niets meer te eten en was het ook nog eens een ijskoude winter. Er moest iets gebeuren en daarom stapte mijn oma op de fiets naar Friesland om eten te halen. Een hongertocht heette dat. Ze heeft dat drie keer gedaan en de tweede keer nam ze haar kinderen mee en liet ze daar achter, zodat ze zouden overleven. Een van die kinderen was mijn moeder.'
De Hongerwinter in Nederland was de winter aan het eind van de Tweede Wereldoorlog, van 1944 op 1945, met een grote schaarste aan voedsel en brandstof. Hij leidde, met name in de steden in West-Nederland, tot hongersnood. Minstens 20.000 mensen kwamen er om het leven door honger en kou.
'Het is een gek verhaal, want je vraagt je meteen af waarom mijn oma dat deed en niet mijn opa. Maar mannen konden in die laatste maanden helemaal niets. Mijn opa was toen 43 jaar. Dan hoefde je niet naar Duitsland om te werken, maar in de maanden na Dolle Dinsdag was er zo'n ontzettende wetteloosheid en hadden ze zoveel mensen nodig, dat ze naar die leeftijd niet meer zouden kijken. Dus moest hij eigenlijk onderduiken in zijn eigen huis en niet te veel op straat lopen. En al helemaal niet naar het noorden gaan waar de kans bestond dat hij bij allerlei controles zou worden opgepakt.'

Heel veel over eten

Voor het boek gebruikte Hillenius een dun boekje dat zijn oma in 1976 schreef over haar ervaringen in de oorlog. Ook gebruikte hij de briefwisseling tussen zijn oma en zijn moeder, toen zijn eigen moeder in Friesland verbleef. 'Het boekje van mijn oma is vooral praktisch en zakelijk, maar door de briefwisseling krijg je een geweldig beeld van de Tweede Wereldoorlog door de ogen van een 11-jarig meisje.'
Voedseldropping door een Engelse Lancaster-bommenwerper boven renbaan Duindigt
Voedseldropping door een Engelse Lancaster-bommenwerper boven renbaan Duindigt © ANP
Hillenius maakte voor zijn boek een selectie uit de uitgebreide briefwisseling tussen Friesland en Den Haag. 'Aan de hand van korte citaten over moffen en eten, heel veel over eten, kun je lezen hoe zij die maanden hebben beleefd. En er staat ook heel praktische dingen in. Zo schrijft mijn oma bijvoorbeeld aan mijn moeder dat ze wat netter moet schrijven. Heel ontwapenend eigenlijk.'

Standaard uitdrukking

De titel Houd je maar flink komt uit de briefwisseling tussen moeder en dochter. 'Die laatste maanden van de oorlog was dat een standaard uitdrukking', zet Hillenius. Houd je maar flink, want het is niet anders. Sla je er maar doorheen.'
Het boek wordt donderdagavond gepresenteerd in boekhandel Paagman aan Lange Poten in Den Haag. Vanaf vrijdag ligt het ook in de winkels.