Nieuws

Leidschendamse jeugdbende: 'Het is steken of gestoken worden'

Edison en zijn vriend vertellen anoniem over hun leven in hun groep
Edison en zijn vriend vertellen anoniem over hun leven in hun groep © Omroep West
LEIDSCHENDAM-VOORBURG - 'Iedereen is bereid om te steken', vertellen twee jongens uit een Leidschendamse jeugdbende. Zelf noemen ze het liever 'een vriendengroep'. Ze zijn met elkaar opgegroeid en leven in een wereld van veel geld, wapens en strijd met rivalen en instanties. Voor het eerst praten zij met de media, omdat ze willen laten weten hoe het écht zit met hun groep. 'Als je hier een mes trekt, ga je gestoken worden.'
Edison is geboren en getogen in de Leidschendamse wijk Prinsenhof. In zijn eigen woorden een 'achterstandswijk waar veel mensen financiële problemen hebben'. Hij woont samen met zijn moeder in een flat en groeit op op straat. 'De jongens uit mijn groep ken ik van het spelen op het veldje of van school', vertelt hij. Als de verslaggever hem maanden geleden voor het eerst ziet, vertelt hij enthousiast over zijn ambities: 'Geld maken.'
Het liefste met rappen, maar als dat niet lukt dan maakt het niet zoveel uit hoe. 'Ik wil vooral dat iedereen met wie ik ben niets te kort komt.' Op foto's zijn de jongens te zien met grote hoeveelheden contant geld. Volgens Jan-Dirk de Jong, criminoloog met een specialisme in jeugdcriminaliteit, verdienen dit soort jongens vaak veel zwart geld. 'Bijvoorbeeld met drugscriminaliteit. Voorheen ook met inbraken, maar dat zien we afnemen. Dit soort groepen bewegen nu steeds meer richting online oplichting.'

Politie en media

De tweede afspraak is op een zaterdagmiddag. Edison wacht op een afgesproken plek in een park. Zijn vrienden checken vanaf een afstand of de verslaggever wel alleen is gekomen. 'We dachten: wie weet neemt ze agenten mee. Dat moesten we eerst zeker weten.' Amin, de vriend van Edison, is ervan overtuigd dat journalisten en agenten weleens samenwerken. 'Bij de autobranden is dat gebeurd. Wij werden gepakt nadat we met een journalist hadden gesproken over wat er was gebeurd. Terwijl we niks gedaan hadden', vertelt hij.
Een derde jongen die aanwezig is, wil liever niet praten. Hij blijft kijken en luisteren. Edison en zijn vriend Amin willen wel vertellen. 'Zodat onze kant van het verhaal bekend wordt.' Met hun kant bedoelen ze hoe hun groep in elkaar steekt. 'Wij worden een drillgroep genoemd', zegt Edison 'Dat stoort ons, want dat zijn we niet. Wij zijn een groep vrienden die elkaar helpen. We maken veel geld en dragen messen en hebben andere wapens zodat we ons kunnen beschermen tegen andere groepen die problemen met ons zoeken. Messen zijn een hype geworden onder jongeren. Je moet er haast wel een hebben, anders kun je je niet verdedigen.'

'Ik stond heel snel weer buiten'

Omdat Edison en zijn vriend minderjarig zijn, kopen de ouderen in de groep vaak messen voor hen. Over hoe de groep samenwerkt zeggen ze: ‘Iemand wordt gebeld dat er iets aan de hand is en dat er meer jongens moeten komen. Op welke manier wij denken dat 'de zaak' geregeld moet worden, wordt er gereageerd. Het ligt eraan wat er precies aan de hand is. Maar vaak wordt er gereageerd met geweld.' Volgens De Jong kun je spreken van een jeugdbende, als een groep een bepaalde duurzaamheid heeft. 'En als ze zich identificeren met hun identiteit als criminele jongeren.'
Edison heeft zijn mes al eens gebruikt. 'Dat was tijdens een confrontatie met een andere groep. Een jongen zocht problemen met mij, dus ik moest wel reageren.' Hij is weleens opgepakt voor het hebben van een mes. 'Ik stond heel snel weer buiten.' Zelf is hij ook weleens gestoken. Hij wijst op een plek bij zijn sleutelbeen. 'Liever gebruik ik die messen niet, maar helaas lukt dat niet altijd.' ‘Iedereen van onze kant is bereid om wel te steken als er problemen worden gezocht.' Amin vult hem aan. 'In Leidschendam is het zo dat iedereen elkaar kent. Als een jongen problemen heeft, dan helpen wij elkaar. En dan gaan we geweld niet uit de weg.'

Opkomen voor de groep

De jongens dragen dure merkkleding. Ze zeggen 'het te gaan maken'. Op de vraag of hoe het is om dit 'groepsleven' te leven zegt Edison: 'Het is wel heel veel stress. Ook thuis enzo.'. De jongens zeggen loyaal te zijn aan jeugdgroepen in Den Haag. Dan zijn er ook nog groepen in Delft en Zoetermeer, die hun rivalen zijn. 'Veel mensen zeggen dat je niet kunt stoppen als je in zo'n groep zit, maar het is wel een optie', zegt Edison. 'Je wordt niet gedwongen. Iedereen weet voor zichzelf waarom je erin zit. Edison zit er naar eigen zeggen in voor het geld. Op de vraag waarmee hij het verdient, wil hij niet te specifiek zijn. 'Alles wat geld oplevert.'

Gedrag politie 'onprofessioneel'

Edison en zijn vrienden zeggen dat wat zij doen nooit in de media komt. 'Daar zorgen wij wel voor.' Waarom ze dan nu toch met media willen praten? 'Omdat we boos zijn over hoe de politie met ons omgaat', zegt Edison. Hij noemt het 'onprofessioneel'. 'De politie van Leidschendam provoceert ons. Er wordt veel informatie over ons uitgewisseld en gedreigd met uithuisplaatsingen.' Vooral dat laatste lijken de jongens heel erg te vinden. 'Ze worden steeds agressiever. Zo gingen ze ons een keer bedreigen met een mes, om hetzelfde terug te doen wat wij onderling weleens deden.'
Politiechef Ronald de Haas van Leidschendam-Voorburg reageert hier verrast op. 'Dit klinkt mij niet bekend. Ik ben hier twee jaar teamchef en wij zijn juist hard aan het werk om een betrouwbare politie voor iedereen te zijn.' Volgens De Haas wordt er veel moeite gedaan om verbinding te zoeken met deze jongens. Jeugdagent Melvin Jubitana beaamt dat. 'Ik ben dagelijks in de wijken aanwezig, zodat ik jongeren leer kennen en een band met ze op kan bouwen.' Edison en Amin hebben weinig vertrouwen in de instanties. 'Als je zoals wij kruisjes achter je naam hebt staan, kun je niets meer goed doen.'
Dit is het eerste van drie verhalen over de 'messencultuur' van Leidschendamse jeugd. De namen en stemmen van de jongens zijn gefingeerd
Amin en Edison zijn loyaal aan jeugdbendes uit Den Haag. Die zijn weer gelieerd aan de zogenoemde 'Crips'. Een jeugdbende naar Amerikaans voorbeeld. Naast de Crips zijn er hun rivalen de 'Bloods', dat zijn de jeugdgroepen uit Zoetermeer en Delft. 'Er is altijd strijd over geld of andere zaken', waar de jongens liever vaag over blijven. In de jaren 90 kwamen de Crips en Bloods regelmatig in het nieuws vanwege steekincidenten en diefstallen in verschillende steden waaronder Den Haag en Zoetermeer. De groepen zouden vooral bestaan uit Surinaamse en Antilliaanse jongeren, met een aantal Turkse, Marokkaanse en Nederlandse jongens. De Crips dragen voornamelijk blauwe en de Bloods rode kleding en accessoires zoals sjaaltjes. In een volgend item - dat woensdag wordt gepubliceerd - gaan we dieper in op deze groepen en hun geschiedenis in de regio. In 2011 kwam uitgebreid in het nieuws dat jeugdbendeleden uit Leidschendam zijn opgepakt voor woninginbraken.