Fikse straffen voor Hagenaars en Delftenaar voor bijna fatale vrachtwagenbrand

De chauffeur lag te slapen in de brandende truck
De chauffeur lag te slapen in de brandende truck © Persbureau Heitink
DEN HAAG - Een 53-jarige man uit Den Haag is veroordeeld tot veertien jaar cel voor het in brand steken van een vrachtwagen, terwijl de chauffeur in de cabine lag te slapen. Dat meldt Omroep Gelderland dinsdag. Het slachtoffer overleefde de vlammenzee ternauwernood. Twee mannen uit Den Haag en Delft kregen twaalf en tien jaar. Ook een man uit Dordrecht is veroordeeld.
Volgens de rechter in Arnhem was de 53-jarige Hagenaar de opdrachtgever. Hij schakelde een tussenpersoon uit Dordrecht in die twee andere mannen, een Hagenaar en een man uit Delft, de opdracht gaf om de vrachtwagen in brand te steken.
Het gebeurde allemaal in augustus 2020 op het terrein van een transportbedrijf aan de Leigraafseweg in Doesburg. Twee mannen overgoten de vrachtwagen met benzine, staken de boel in brand en gingen er vervolgens vandoor.
Slapende trucker overleeft brandstichting maar nét
Op dat moment lag de chauffeur in de cabine te slapen. Dat deed hij wel vaker als hij de volgende ochtend weer vroeg moest vertrekken. De man kon die nacht ternauwernood uit de cabine komen. Hij moest door een zee van vlammen naar buiten en raakte daardoor zwaargewond. De chauffeur lag zeven maanden in coma en de kans is klein dat hij ooit weer de oude wordt.
De rechtbank oordeelde dat het slachtoffer recht heeft op een schadevergoeding van 200.000 euro. Zijn familie en partner hebben recht op een door de wetgever vastgesteld bedrag vanwege immateriële schade, schrijft Omroep Gelderland.

Tussenpersoon moest 'schuld' inlossen

Een van de twee mannen is gevraagd om de brand te stichten door een 45-jarige man uit Dordrecht, deze tussenpersoon kreeg er geld voor en kon zo een 'schuld' inlossen. De man uit Dordrecht zou op zijn beurt weer zijn gevraagd door de man van 53 uit Den Haag, zelf ook eigenaar van een transportbedrijf. De Dordrechter werkte weleens bij de Haagse transporteur. De Hagenaar wordt gezien als de daadwerkelijke opdrachtgever van de brandstichting.
Alle vier de mannen zijn dus schuldig aan de brandstichting. De rechtbank acht poging tot moord bewezen, omdat er een reële kans was dat er iemand in de wagen lag te slapen. De brandstichters hebben ook niet gekeken of de cabine wel leeg was. Ook werd er geen rekening gehouden met omwonenden. De mannen gingen met voorbedachte rade op pad om brand te stichten. De tussenpersoon en de opdrachtgever zijn volgens de rechtbank net zo schuldig, ook al hebben ze de brand zelf niet aangestoken. De rechter noemt het een laffe nietsontziende daad. De tussenpersoon moet 347 dagen extra de gevangenis in vanwege een straf die hem in 2012 in het Verenigd Koninkrijk is opgelegd in een drugszaak.

Brand in Italië

De brand zou zogenaamd bedoeld zijn om de verzekering op te lichten, maar het Openbaar Ministerie (OM) ging er al snel van uit dat concurrentie tussen verschillende transporteurs de aanleiding is voor de brandstichting. Eerder is ook een vrachtwagen in Italië van de vervoerder uit Doesburg in brand gestoken. Het OM heeft aanwijzingen dat de 53-jarige opdrachtgever ook daar bij betrokken was. Het onderzoek daarvan loopt nog.