Nieuws

Diefstal van 36 vogels uit Avifauna: verdachten hoeven niet terug naar cel

Een ara
Een ara © ANP
ALPHEN AAN DEN RIJN - Het gerechtshof in Den Haag heeft besloten dat twee verdachten van de vogelroof in Avifauna hun celstraf niet helemaal hoeven uit te zitten. De behandeling van het hoger beroep heeft te lang geduurd, oordeelt de rechtbank.
In de nacht van 15 op 16 september 2014 werden 36 zeldzame en beschermde vogels gestolen uit het Alphense vogelpark. Na een lang politieonderzoek stonden in 2017 zes verdachten voor de rechter voor de vogeldiefstal. Naast Avifauna zouden ze ook vogels hebben gestolen uit dierenparken in De Lier, Udenhout en Veldhoven. De rechters veroordeelden destijds vijf verdachten tot celstraffen variërend van twee tot veertien maanden. Een verdachte kwam er vanaf met een taakstraf van 70 uur.
Verschillende verdachten gingen in beroep, maar de inhoudelijke behandeling daarvan liet maar liefst vijf jaar op zich wachten. In de tussentijd overleed de verdachte die de hoogste celstraf van veertien maanden had gekregen.

Minder straf

Twee verdachten, een vader en zoon uit Drunen die beschuldigd werden van de heling van geroofde Avifauna-vogels, verklaarden twee weken geleden bij het gerechtshof dat ze onschuldig waren. De zoon kreeg een onvoorwaardelijk celstraf van vier maanden, waarvan hij drie maanden uitzat. Het hof vindt beide mannen toch schuldig. De laatste maand in de cel wordt de zoon nu echter kwijtgescholden, omdat hij lang moest wachten op de behandeling van de zaak. De vader kreeg bij de rechtbank eerder een taakstraf van 70 uur, en die is nu verlaagd naar 40 uur.
Een derde verdachte die eerder een onvoorwaardelijke celstraf van zes maanden kreeg, waarvan hij maar 45 dagen uitzat, hoeft net als de zoon uit Drunen niet terug naar de cel. Hij moet nu alleen nog een taakstraf van 200 uur voltooien.

Half jaar cel blijft staan

Een vierde verdachte heeft in de tussentijd wel een half jaar vastgezeten voor zijn aandeel in de vogelroof. Die straf blijft staan. Zijn verhaal dat hij maar een klein aandeel had in de zaak is volgens het hof ongeloofwaardig. De straffen van het hof komen in de meeste gevallen overeen met de strafeisen van het Openbaar Ministerie.