Hoe een wrede vader eeuwen geleden zijn dochter zes jaar opsloot vanwege heimelijk afspraakje

Johan van Wassenaer, de vader van Maria
Johan van Wassenaer, de vader van Maria © Kasteel Duivenvoorde
DEN HAAG - Heimelijk verlaat Maria van Wassenaer op een nacht haar ouderlijk huis in Den Haag. Het is 1639 en de adellijke Maria is verliefd op een knecht, ze wil er met hem vandoor gaan. Helaas, dezelfde avond wordt de jonkvrouw gevonden en teruggebracht naar haar vader. Vanwege de schande die ze over de familie brengt, wordt ze zes jaar in haar kamer opgesloten. Tot het overlijden van haar vader. Dat is niet het einde van Maria en haar liefdesverhaal. Dit ongelofelijke en waargebeurde verhaal is door Bert Koene in het boek 'Ik hoop van U te dromen' vastgelegd.
Hoe schandalig was het weglopen van Maria met de knecht Wolf Saltzer? Zo schandalig dat haar vader, Johan van Wassenaer van Duivenvoorde, haar uit de familiegeschiedenis wilde wissen. Maria's gedrag was 'infaam voor zijn naam en geslacht'. Maria moest door iedereen worden vergeten, ze had niet bestaan. Concreet hield dit in dat pa haar onmiddellijk in een kamer gevangenzette.
De edelman Johan van Wassenaer van Duivenvoorde maakte deel uit van de machtigste adellijke geslachten van het graafschap Holland en behoorde tot de twintig rijkste ingezetenen van Den Haag. De vader van Maria bezat twee huizen: één in Den Haag op de hoek van de Kneuterdijk en het Lange Voorhout. Daar woonden ze in de winter. In de zomer verbleven ze in kasteel Duivenvoorde in Voorschoten.

Trouwbelofte geschreven met eigen bloed

Naderhand werd Maria van de Haagse woning overgebracht naar kasteel Duivenvoorde. Behalve een dienstmeid zou niemand haar ooit nog mogen zien.
Wat niemand wist, was dat Maria ondertussen in het diepste geheim briefjes uitwisselde met haar geliefde Wolf. Ze schreef zelfs in 1643 met haar eigen bloed een trouwbelofte. 'Dit heb ick met mijn eijgen bloet geschreven en gheteijckent.' Een bindende belofte, die rechtsgeldig was en verstrekkende gevolgen had. Maria zat toen al bijna vier jaar opgesloten in haar kamer.
Maria is nooit afgebeeld, hier zie je o.a. vader Johan van Wassenaer en moeder Clara de Hinojosa
Maria is nooit afgebeeld, hier zie je o.a. vader Johan van Wassenaer en moeder Clara de Hinojosa © Kasteel Duivenvoorde
Twee jaar later in 1645 werd haar vader ernstig ziek. Op zijn sterfbed schonk hij Maria onder voorwaarden vergiffenis voor haar schandelijke gedrag. Ze moest haar vader plechtig beloven zich voortaan 'Godzaliglijk eerlijk en naar haar geslachte betamelijk te zullen gedragen'. Dat beloofde ze, maar ondertussen had ze haar toekomstig minnaar al een trouwbelofte gedaan.

Opgesloten in het dolhuis

Het verhaal blijft smullen, want negen jaar na haar eerste poging om er met Wolf vandoor te gaan, probeerde Maria het een tweede maal. Ook toen werd ze betrapt. De ontdekking was alleen niet snel genoeg, zo bleek later. In de korte tijd die ze samen waren, wist Wolf haar te bezwangeren.
Haar oudere broer Arent was woedend en sloot Maria op in het dolhuis in Delft, ofwel het gesticht. Daar moest Maria een verklaring tekenen waarvan de strekking was dat zij daar 'met haar volle instemming heen was gebracht en dat zij haar liefste voor altijd zou verlaten'. Toen zij dat weigerde, gaf Arent haar een oorvijg en zwoer dat hij 'Wolf Saltzer binnen vier dagen zou vermoorden en het dode lichaam voor haar voeten zou laten smijten'.
Broer Arent van Wassenaer
Broer Arent van Wassenaer © Kasteel Duivenvoorde
Maria bleef opgesloten in Delft maar ook daar lukte het de standvastige vrouw met Wolf een briefwisseling te starten. Na deze ontdekking werd Maria naar Arnhem getransporteerd en weer op een kamertje gevangengezet.
Ingenieus wist Maria na weken weer een brief naar buiten te laten smokkelen waarin ze beschreef waar ze opgesloten zat. 'Ik zit gevangen dicht bij de poort waar de wagens naar Utrecht uitrijden. Het huis waar ik verblijf, staat recht tegenover een herberg waar een ezel uithangt.'

Maria zorgt voor volksoproer

Wolf kwam Maria bevrijden, ze ontsnapten uit Arnhem door de stadsmuur te beklimmen en er aan de andere kant af te vallen. De vluchtpoging van Maria werd al snel ontdekt en weer werd het verliefde paar in de kraag gevat.
Maria werd in Arnhem in de Janspoort opgesloten. Door het raampje kon ze met het volk op straat praten en wist hen tot een oproer te verleiden. Toen ze per koets naar een nieuwe locatie werd gebracht, kwam het volk in oproer. Een menigte van meer dan 100 mensen probeerde de jonkvrouw te redden.

Zusters bedriegen Maria

De hulp van het volk was tevergeefs. Maria's nieuwe gevangenis werd kasteel Rosendael bij Velp. Haar zusters haalden daar een lage en gemene streek uit. Ze wisten Maria met een list op een boot te krijgen die haar naar verre oorden moest vervoeren. Ver buiten het zicht van de Wassenaers en van Wolf.
Zus Theodora van Wassenaer
Zus Theodora van Wassenaer © Kasteel Duivenvoorde
In al die jaren waren er wel wat mensen op de hand van Maria en met hulp van een herbergier werd Maria bevrijd en na enige tijd herenigd met haar geliefde Wolf. De broers van Maria probeerden uit alle macht via de rechterlijke macht alsnog het huwelijk te voorkomen.
Wat meespeelde, was dat een getrouwde Maria recht had op haar erfdeel omdat haar vader haar vergiffenis had geschonken. Na veel juridisch getouwtrek traden Wolf en Maria op 11 maart 1649 in het huwelijk, tien jaar na hun eerste poging om samen te zijn.

Ode aan een moedige vrouw

Van Maria van Wassenaer is helaas geen portret bekend, waarschijnlijk is ze nooit geschilderd. Bert Koene neemt in het boek de lezer mee naar de zeventiende eeuw.
Hij schets zijn zoektocht en geeft duiding aan de historische gebeurtenissen. Met zijn boek Hoop van U te dromen, De verboden liefde van jonkvrouw Maria van Wassenaer heeft Koene een ode aan de moedige vrouw opgetekend.