Per dag komen 10 vermissingen binnen bij politie: 'We nemen ze allemaal even serieus'

Jaïr Soares in 1995
Jaïr Soares in 1995 © Politie
REGIO - Ongeveer 3500 keer per jaar krijgt de politie-eenheid Den Haag, waar heel onze regio deel van uitmaakt, de mededeling dat iemand vermist is. Dat is gemiddeld dus bijna tien keer per dag en al die keren wordt de melding uiterst serieus genomen. In verreweg de meeste gevallen is een vermiste snel weer terecht, maar wanneer een man, vrouw of kind langer weg is, raakt Marieke Fleskens erbij betrokken; de specialist vermiste personen van de politie Den Haag.
'In tachtig procent van de gevallen is een vermist persoon binnen 48 uur weer teruggevonden', vertelt Fleskens, die nu ruim vijf jaar als specialist werkt. 'Zodra een melding binnenkomt gaan we eerst informatie verzamelen om een goede inschatting te kunnen maken wat we moeten doen. Sommige mensen verdwijnen vrijwillig en dan doe je iets anders dan wanneer iemand vermist is geraakt.'
Hoewel iedere vermissing dus serieus genomen wordt, gaan lang niet altijd direct alle alarmbellen af. 'Dat is heel erg casus-afhankelijk. Als het om een kind gaat, gaan we vaak letterlijk rennen met z'n allen het te vinden. Als er zorgwekkende omstandigheden zijn, zoals bijvoorbeeld een demente oudere die weg is, dan zit de urgentie er meer op dan wanneer een boze puber bijvoorbeeld is weggelopen. Die komen over het algemeen vanzelf weer terug.'

Leven redden

De zoektocht naar iemand die weg is, is soms heel zichtbaar door de inzet van een helikopter of boten. 'Zulke acties worden ingezet op het moment dat de noodzaak er echt op zit en we iemands leven kunnen redden. We moeten wel een indicatie hebben van waar we moeten zoeken. Iets van een auto, een fiets of een laatste plek waar iemand gezien is. Als die indicatie er is zullen we alles inzetten wat we hebben.'
In de zoektocht naar vermiste personen zijn de kanalen van de politie om aandacht van het publiek te vragen de laatste jaren veel uitgebreider geworden. Waar vroeger alleen een bericht op radio of televisie mogelijk was hebben sociale media een veel gerichtere aanpak mogelijk gemaakt. 'Als je kijkt naar bijvoorbeeld Burgernet is dat een uitstekend middel om in te zetten bij de vermissing van een jong kind, omdat die vaak binnen een kleine straal blijven van de plek waar ze vermist raakten. Bij een puber is dat weer anders en pak je andere kanalen.'

Inbreuk op privacy

'De inzet van online media is mooi, maar het blijft ook moeilijk. Want wanneer iemand eenmaal op internet staat blijf je altijd op internet staan en dat kan consequenties hebben voor het verdere leven van iemand. Denk bijvoorbeeld maar aan sollicitaties. Het is dan ook een middel dat we pas inzetten als een vermissing echt urgent is, het verdere onderzoek is "uitgelopen" en we denken dat we de hulp van burgers nodig hebben, want het is echt een inbreuk op privacy.'
Bij Omroep West komen regelmatig verzoeken binnen om berichten die we gemaakt hebben over personen die ooit vermist zijn geweest te verwijderen van onze website of app. In principe voldoen we aan die verzoeken. Sinds enige tijd is in ons beleid is opgenomen dat zodra een vermiste persoon terecht is we de foto en naam van hem/haar uit het bericht verwijderen.
Het uiterste middel dat de politie heeft bij het zoeken naar een vermist kind is het Amber Alert, dan wordt het hele systeem in werking gezet. Er wordt niet alleen een noodbericht naar mobiele telefoons gestuurd, maar er worden ook reclameschermen, pinautomaten, snelwegborden, e-mails en media ingezet. Dat wordt maar een paar keer per jaar gedaan. 'Dat gebruiken we wanneer een kind ontvoerd of vermist is en er direct gevaar is voor het leven van een kind. Dat zijn de keiharde criteria.'

'We sluiten een dossier nooit'

'Zoals gezegd is tachtig procent van de mensen binnen 48 uur teruggevonden en negentig procent binnen drie weken, maar elk jaar komen er twee à drie op onze lijst van op de lijst van langdurig vermiste personen te staan. Daar staan nu zo'n 65 mensen op. Een aantal daarvan heeft veel aandacht gehad in de media, zoals Jaïr Soares die in 1995 vanaf het strand bij Monster verdween.'
'We proberen ook die mensen onder de aandacht te houden met bijvoorbeeld de "mis je mei maand" of met foto's op Deliveroo scooters. We sluiten een dossier nooit. Wanneer er weer tips binnenkomen of we de media opgezocht hebben om een vermissing opnieuw onder de aandacht te brengen bekijken we alles wat binnenkomt serieus. Daarin werken we ook samen met de Mandeville Academy in Gouda, een school voor hoogbegaafde jongeren. Die krijgen van ons dan een dossier van een langdurig vermiste met de vraag of ze mee willen lezen en kijken of we niks over het hoofd zien. Zij zijn jonger en hoogbegaafd en hebben misschien wel een andere blik en andere inzichten dan wij.'

Nieuw leven in Zweden

Onlangs heeft de politie een langdurig vermiste man in Zweden teruggevonden. 'Hij was daar een nieuw leven begonnen. Nieuwe vrouw, nieuwe kinderen, nieuwe baan, nieuw alles. We hadden een hackathon georganiseerd met digitale specialisten van de politie om te kijken of we internetsporen terug konden vinden van een aantal langdurig vermisten. Via Open Source wisten we deze man uiteindelijk in Zweden terug te vinden. Dat was een mooi succes!‘