Oekraïense vluchtelingen draai gevonden: 'Ik denk zelfs in het Nederlands'

Oekraïners Olha (links voor), en  Oleksandr (rechts voor) zijn inmiddels helemaal gewend in het Westland
Oekraïners Olha (links voor), en Oleksandr (rechts voor) zijn inmiddels helemaal gewend in het Westland © Omroep West
NAALDWIJK - Een vreemd land, een andere taal en geen eigen huis. Voor vluchtelingen Olha en Oleksandr was het twee jaar geleden enorm stressvol om van de een op de andere dag hun huis en bezittingen in Oekraïne te verlaten toen de oorlog daar op 24 februari 2022 uitbrak. Inmiddels, twee jaar later, hebben ze in Naaldwijk een nieuw leven opgebouwd. Alexander: 'Ik vind alles leuk hier en wil niet meer terug.'
Twee jaar geleden verliet ook Olha Klievak op 6 maart 2022 huis en haard in Oekraïne en kwam met haar twee kinderen in het Westland terecht. 'Mijn broer en vader zitten nog in Kiev. Maar voor mij was het belangrijkste dat mijn kinderen op een veilige plek zijn', vertelt ze in foutloos Nederlands.
Op 24 februari is het exact twee jaar geleden dat het Russische leger Oekraïne binnenviel. Steden en dorpen werden zwaar gebombardeerd en ruim acht miljoen Oekraïners sloegen op de vlucht. Zo ook naar ons land, waar inmiddels ruim 100.000 Oekraïense vluchtelingen een tijdelijk onderkomen vonden. De gemeente Westland heeft 1500 Oekraïners opgevangen.
Inmiddels heeft Olha een flatje in Naaldwijk en werkt ze als kunstdocent op het ISW college. 'Er waren gelukkig al snel veel mensen die ons hielpen om een goede plek te vinden. Ik ben ontzettend blij dat alles goed gaat. Ik heb een huis voor mijn gezin, ik kan mijn professie uitvoeren en weet dat we hier veilig zijn.'

'Verkering met elkaar'

Ook de Oekraïense leerlingen aan wie zij lesgeeft op het ISW hebben hun draai goed gevonden. 'Ik vind alles leuk hier', zegt Oleksandr Hladkyi (15). 'Ik zit hier bij een voetbalclub en heb nieuwe vrienden en een leuke klas.' Ook Anhelina Koshyk (16) is inmiddels gewend in Nederland. 'De Nederlanders zijn enorm liefdevol naar ons, ze steunen ons echt.'
Dat laatste proberen de docenten van het ISW college in Naaldwijk ook te doen. 'We laten hen meedoen met allerlei buitenschoolse activiteiten en stimuleren hen om bij een sportclub te gaan', vertelt Ricardo van der Leeuw, coördinator Oekraïens onderwijs op het ISW. 'Daarnaast zien we dat er ook leuke contacten tussen Nederlandse leerlingen en Oekraïense ontstaan, sommige hebben zelfs verkering met elkaar!'

'Ik denk zelfs in het Nederlands'

De Oekraïense leerlingen weten dan ook nog niet allemaal zeker of ze terug naar hun thuisland willen. Sommigen zijn er zelfs al van overtuigd dat ze in het Westland blijven. 'Ik zou voor een maand teruggaan als de oorlog voorbij is', zegt Oleksandr. 'Om mijn opa en oma te zien. Maar daarna kom ik terug. Ik wil in Nederland blijven wonen, hier is alles beter.'
Docent Olha weet nog niet wat ze gaat doen. 'Ik leef dag bij dag. Als het zover is, hangt het af van de situatie van mijn kinderen. Zij volgen inmiddels ook onderwijs op het ISW en hebben hier nieuwe vrienden.' Voorlopig gaat de Oekraïense docent dan ook door met integreren. 'Ik werk hard aan mijn Nederlands', lacht ze. 'En het gaat steeds beter. Inmiddels merk ik zelfs dat Engels praten lastig is, want ik begin te denken in het Nederlands!'
Fotojournalist John Navarro volgde bijna twee jaar lang hoe de gemeente Westland vluchtelingen heeft opgevangen en van de grond af locaties opbouwde. Maar ook hoe de Oekraïners wonen en werken en kinderen naar de taalschool gaan. Dit alles is samengebracht in een fototentoonstelling in de Bartholomeuskerk, vanaf zaterdag 24 februari te zien.